Kerkliedwiki 5 jaar.png
Kom naar de 12e Kerkliedwiki Schrijfdag op 17 november in Amersfoort!
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki 5 jaar.png Kerkliedwiki bestaat 5 jaar! Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas.

De 12e Kerkliedwiki Schrijfdag is op 17 november 2018. Wees welkom en meld je aan: info@kerkmuzieknetwerk.nl

Paastijd

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Liederen die aansluiten bij de Paastijd en Hemelvaartsdag.

Achtergrondinformatie over de Paastijd

De vreugdetijd van Pasen omvat een periode van vijftig dagen. Deze Paastijd begint op de Eerste Paasdag en eindigt na de Vijftigste (pentecoste) Paasdag, Pinksteren. Dat verklaart de namen van de zondagen van Pasen tot Pinksteren als ‘zondagen van Pasen’. De viering van de Paasmorgen is dus de ‘Eerste zondag van Pasen’. Vanuit het bewustzijn dat de gemeente in het heilshistorisch heden leeft, worden Pasen, Hemelvaart en Pinksteren als één samenhangend geheel beschouwd. De paaskaars brandt dan ook tijdens de diensten gedurende al deze vijftig vreugdedagen. De joodse achtergrond van Pasen en Pinksteren reikt deze vijftigdaagse periode aan. En ook in de christelijke theologie is Pinksteren de volheid van Pasen. De gave van de Geest aan de gemeente kenmerkt haar identiteit als gemeente van de Verrezene. De Tweede Pinksterdag is in de in dit Dienstboek gegeven jaarstructuur van het GL dan ook niet aanwezig. Wel kent het LL deze dag, omdat dit leesrooster teruggaat op de voor-reformatorische tijd waarin Pinksteren als een meer zelfstandige feestdag werd beleefd. Intussen kan ook de gereformeerde traditie voor haar diensten op deze dag putten uit het luthers erfgoed.

Introitusgezangen

Evenals in de Veertigdagentijd worden ook de zondagen in de Paastijd gemarkeerd door hun introitusgezangen. De introitus van de eerste zondag (Paasmorgen) is een voorbeeld van de wijze waarop de kerkvaders met de Schrift omgingen. In Psalm 139 bezingt de psalmist de onontkoombare nabijheid van God, zoals in vers 18: ‘Als ik ontwaak, dan nog ben ik bij U’ (Resurrexi et adhuc tecum sum). Eén van de vroegkerkelijke sleutels tot het lezen van de psalmen was ze te lezen als het gebed van Christus tot de Vader. Daarom wekt het geen verbazing dat de vaders de psalm (in de Latijnse vertaling) lazen als: ‘Ik ben verrezen en nog ben ik bij u’. Zo functioneert tot op heden dat vers als introitus op de Paasmorgen. Een week later herinnert de introitus aan het eveneens vroeg-kerkelijke gebruik dat de geloofsleerlingen gedurende de eerste acht dagen van het Paasfeest hun witte doopkleren aanhielden en afsluitend onderricht ontvingen. Het vers ‘Weest begerig als pasgeboren kinderen naar de loutere geestelijke melk’ (Quasi modo geniti infantes) slaat dan ook oorspronkelijk op hen die door de doop in Christus’ nieuwe leven zijn opgenomen. Wanneer de Veertigdagentijd en de Paaswake, zoals hierboven beschreven, worden beschouwd als doopgedachtenis voor heel de gemeente, kan de gemeente deze woorden ook op zichzelf toepassen. De thematieken van de derde zondag en de vierde zondag zijn in de beide leesroosters verwisseld (zie hieronder bij de Schriftlezingen). In dit Dienstboek wordt de lutherse ordening van de introitusgezangen gehandhaafd, omdat deze van de vierde tot en met de zesde zondag kan gelden als een samenhan¬gend geheel, dat het midden van de vreugdetijd van de Paastijd markeert: Jubilate, Cantate en Vocem jucunditatis. Wie echter de samenhang tussen de introitus en de verdere thematieken van de derde en de vierde zondag in het GL wil bewaren, kan vanzelfsprekend de beide introitusgezangen verwisselen. Op de derde zondag wordt Gods barmhartigheid jegens zijn volk uitgedrukt door de antifoon Misericordia Domini plena est terra, ‘De aarde is vol van de goedertierenheid des Heren’ (Psalm 33:5, vergelijk Gez. 223). De vierde zondag begint met de feestelijke woorden Jubilate Deo omnis terra, ‘Juicht voor God, gij ganse aarde’ (Psalm 66:1, vergelijk Zingend Geloven 3/23). De introitus van de vijfde zondag luidt Cantate Domino canticum novum, ‘Zingt voor de Heer een nieuw gezang’ (Psalm 98:1, vergelijk Gez. 225). Dezelfde paasvreugde klinkt door in de antifoon Vocem jucunditatis annuntiate, ‘Verkondigt het met jubelklank’ (Jesaja 48:20 bij Psalm 66, vergelijk Gezang 224) op de zesde zondag. De antifoon voor Hemelvaartsdag is genomen uit een van de Schriftlezingen: Viri Galilaei, ‘Mannen van Galilea, wat staat ge daar en ziet op naar de hemel? Gelijk ge Hem ten hemel hebt zien varen, zó zal Hij wederkomen’ (Hand. 1:11). De bijbehorende psalm bezingt de troonsbestijging van de Heer (Psalm 47). Daarmee is de thematiek van dit feest direct gezet: het koningschap van de Opgestane, die zit aan de rechterhand van de Vader. Aan de introitus van de zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren herkent men iets van het ingekeerde karakter dat oudtijds aan de feesten – in dit geval Pinksteren – vooraf ging: Exaudi, Domine, vocem meam, ‘Verhoor, Heer, mijn stem’ (Psalm 27:7). Op Pinksteren ten slotte is de antifoon bij de introituspsalm (68) afkomstig uit het deuterocanonieke boek Wijsheid 1:7: Spiritus Domini replevit orbem terrarum, ‘De Geest van de Heer heeft het aardrijk vervuld’.

Schriftlezingen

De schriftlezingen voor de paastijd in de beide leesroosters vertonen een aanzienlijk aantal verschillen. Toch zijn er bij nader toezien enkele gemeenschappelijke kenmerken. In het GL staan de evangeliën van de eerste, tweede en derde zondag van Pasen (Paasmorgen, Beloken Pasen en de verschoven zondag ‘Jubilate’) in het teken van de verschijningen van de Verrezene. Het LL en het GL verwisselen, zoals gezegd, de derde en de vierde zondag. De vijfde, zesde en zevende zondag staan – in grote lijnen – in het teken van lezingen uit het evangelie naar Johannes: fragmenten uit Jezus’ afscheidswoorden en het ‘hogepriesterlijk gebed’. Op deze zondagen verlaten de evangelielezingen veelal de directe paas-thematiek. Het paasfeestkarakter van deze zondagen moet in die gevallen vooral blijken uit de liedkeuze (zie bijvoorbeeld hierboven bij de introitusgezangen). De klassieke benamingen van deze zondagen kenmerken de evangelielezingen van het Luthers Leesrooster: Rogate, ‘Bidt’, de zesde zondag van Pasen, naar aanleiding van Johannes 16:23-24, en ‘Wezenzondag’, de zevende zondag van Pasen, naar aanleiding van Johannes 14:18. Ten slotte kan nog gewezen worden op de belangwekkende reeks oudtestamentische lezingen en de reeks uit de Openbaring van Johannes in het LL en in jaar C van het GL.

(Bron: Dienstboek, een proeve I)

Liederen

Register per liedbundel