Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki bevat nu informatie over ruim 4.500 liederen! Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas.

De eerstvolgende Kerkliedwiki Schrijfdag wordt gehouden op zaterdag 30 november 2019 in Amersfoort. Aanmelden of meer weten over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

Die licht is, bron van leven is

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is te vinden in de volgende veelgebruikte liedbundel(s):
 Zingt Jubilate 775 
Mogelijk staat het ook in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
Die licht is, bron van leven is
Lied voor een kerkgemeenschap
Vorm Strofelied
Herkomst
Taal Nederlands
Land Nederland
Tekst
Dichter Michaël Steehouder
Bijbelplaats Exodus 3
Exodus 4:1-17
Handelingen 2:1-13
Metrisch 8-8-8-8-8-8
Muziek
Componist Martin Luther
Melodie Vater unser im Himmelreich (melodie)
Solmisatie 6-6-4-5-6-4-3-2
Gebruik
Kerkelijk jaar Pinksteren
Thema Kerk en gemeente
Liedbundels
Zingt Jubilate 775

Die licht is, bron van leven is is een Lied voor een kerkgemeenschap. De tekst is van Michaël Steehouder; het lied wordt gezongen op de melodie van Vater unser im Himmelreich (melodie).

Beluisteren

Tekst

Die licht is, bron van leven is,
die als een woord gegeven is,
zie hoe wij zoeken her en der,
hoe is jouw naam, jouw stem is ver.
Wij dragen met ons mee jouw woord,
het raakt ons aan, het drijft ons voort.

Die ons mijn volk ooit hebt genoemd,
een weg beloofd hebt uit de doem,
hoe zullen wij, zo zwak en klein
uw stem in deze wereld zijn?
Ik zal er zijn, zo is uw naam,
dat moet genoeg zijn om te gaan.

Wij houden vast aan Hem die kwam,
die ooit ons leven op zich nam
die is uw kind, die roept en leidt
tot vrede en gerechtigheid,
die weerloos was en brak als brood
Hij neemt ons mee voorbij de dood.

Uw adem, geest die in ons leeft,
die ons haar vuur en warmte geeft,
zij opent toekomst, maakt ons een,
zij smelt wat koud is, hard als steen.
Vervul ons met haar warme gloed
die met ons hart een wonder doet.

Wek in ons hart het visioen
van vrede brengen, liefde doen,
dat wij tezamen op gaan staan
en alle harde macht weerstaan –
tot alle donker is gezwicht,
wij zullen leven in uw licht.

Inhoud

Dit lied in de vorm van een gebed is geschreven om gezongen te worden na de lezing van het Pinksterverhaal (Handelingen 2, 1-13). Het vormt een reflectie op dit verhaal vanuit de situatie van de kerk in onze dagen.

De eerste strofe verwoordt wat ons als gelovigen bindt: het geloof in God, licht en bron van leven. Dit geloof komt niet zomaar aangewaaid, het is ons overgeleverd uit de traditie: "als een woord gegeven". We moeten het ook zoeken: geloof bestaat niet zonder twijfel, vragen en onzekerheid; die worden verwoord in de derde en vierde regel.

De tweede strofe begint met een zinspeling op het kerkbeeld van het Tweede Vaticaans Concilie: Gods volk onderweg: op weg uit de ‘doem’ (ieder mag invullen wat dat voor haar/hem is) naar bevrijding. De derde en vierde regel haken in op de opdracht die we als kerkgemeenschap hebben om "Gods stem in deze wereld te zijn". Net als in de eerste strofe verwoorden deze regels ook de twijfel en het zoeken: hoe kunnen wij zo zwak en klein, die opdracht vervullen? Het is een vraag die telkens opklinkt waar mensen met elkaar gestalte proberen te geven aan de kerk. Het is ook de vraag van Mozes als hij door God geroepen wordt om zijn volk te bevrijden. Mozes vraagt naar Gods naam: ik ken u niet, hoe moet ik dan uw opdracht vervullen? Maar God accepteert die uitweg niet. "Ik zal er zijn, is mijn naam" - daar moet Mozes het mee doen.

In de derde strofe wordt herinnerd aan de manier bij uitstek waarop Ik zal er zijn heeft laten zien dat hij er is: in Jezus van Nazareth. Aan hem kunnen wij ons als kerk optrekken als we onzeker zijn over onze opdracht. Jezus inspireert, daagt uit ("roept") en wijst richting aan ("leidt"). En die richting is: weerloos zijn, jezelf breken als brood, je niet laten overmeesteren door de dood.

In de vierde strofe wordt de heilige Geest aangehaald als bron van kracht voor de kerkgemeenschap. De Geest wordt met een vrouwelijk voornaamwoord aangeduid: zij is het die leven geeft, inspireert, mensen enthousiast maakt. De Geest bevat de "vrouwelijke" eigenschappen van God: één maken, verzachten, verwarmen, koesteren. De zinsnede Geest die in ons leeft is een zinspeling op de beginselverklaring van de Mariënburggroep (1984) die als titel had Getuigen van de Geest die in ons leeft.

De laatste strofe tenslotte is een bede naar de toekomst toe. Gevraagd wordt het profetische visioen van vrede en liefde in ons levend te houden. Ook dat is een steun in onze opdracht om "Gods stem in deze wereld te zijn": geloven dat het bestaat, dat er een betere toekomst mogelijk is. De bede dat wij zullen opstaan herinnert ons aan Pasen: we zullen, als Jezus, opstaan uit dood en doem. Dat geloof (dat tevens onze opdracht is) maakt ons tot kerkgemeenschap.

Muziek

De melodie is als "tafelzegen" geschreven door een (anonieme) monnik aan het hof van Pilgrim II von Puchheim (1365–1396(, bisschop van Salzburg. In 1531 wordt ze gezongen in het huidige Tsjechië, door de Boheemse Broeders, geëngageerde leken die geen vrede meer nemen met het diepe verval van het kerkelijk leven van hun tijd, en met elkaar op weg gaan in nieuwe gemeenschappen. Zes jaar later, in 1537, kiest de grote hervormer Martin Luther de melodie voor een van zijn bekende berijming van het Onze Vader. Veel componisten hebben er zettingen voor gemaakt. Het bekendst zijn de koorzetting en de koraalvoorspelen van Johan Sebastian Bach.

Hymnologische informatie

  • Het lied is gepubliceerd in Een kring van mensen en Om de aarde te bewonen.
  • Het lied werd in de vierstemmige zetting van Hans Leo Hassler (1608) opgenomen in het tijdschrift Continuo, 6e jaargang nummer 2, december 1991.

Externe links