Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki verzorgt een wekelijkse podcast: Luistertroost! Onze alternatieve omgang met het kerklied, nu samen zingen in de kerk niet kan. Zo houden we de lofzang en de troost van liederen gaande.

Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas. Meer weten of vragen over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

God heerst als Opperheer

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is te vinden in de volgende veelgebruikte liedbundel(s):
Zangbundel Joh. de Heer 363
Mogelijk staat het ook in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
God heerst als Opperheer
Psalm 97
Latijnse titel Dominus regnavit
Vulgaat Psalm 96
Berijming Psalmberijming van 1773
Tekst
Dichter Genootschap Laus Deo, Salus Populo
Metrisch 6-6-7-7-6-6-6-6-6
Muziek
Componist Maistre Pierre
Solmisatie 5-6-1-1-7-1
Liedbundels
Zangbundel Joh. de Heer 363
Psalmberijming van 1773 97

In de Psalmberijming van 1773 begint Psalm 97 met God heerst als Opperheer. De Zangbundel Joh. de Heer heeft de strofen 1, 6 en 7 opgenomen.

Opname beluisteren

Tekst

1 God heerscht als Opperheer:
Dat elk Hem juichend eer’!
Gij, aarde, zee en eiland,
Verheugt u in uw’ Heiland.
Hem dekt met majesteit
Der wolken donkerheidd;
Hij vestigt zijnen troon
Op heilge rijksgeboôn,
Vol recht en wijs beleid.

2 Een vuurgloed gaat Hem voor,
Den ganschen hemel door,
En blaakt aan alle zijden
Hen, die zijn magt bestrijden.
Zijn felle bliksemschicht
Snelt door al ’t zwerk; verlicht
Den ganschen weereldkloot:
Het aardrijkk ziet zijn’ nood,
En ijst, en beeft, en zwicht.

3 ’t Gebergte smelt als wasch,
En wordt geheel tot asch
Door ’t aangezicht des Heeren,
Wien al wat leeft moet eeren:
’t Verbaasde hemelrond
Meldt in dien naaren stond
Zijn billijkheid en magt:
De volken zien zijn kracht
Op ’s aardrijks ruimen grond.

Pauze

4 Dat ieder schaamrood zij,
Die, onbeschroomd en vrij,
Een beeld durft eer bewijzen,
En nietig’ afgoôn prijzen,
Den waaren God ten hoon:
Knielt voor Hem, al gij goôn!
Zwicht voor den Opperheer;
Buigt u met ootmoed neêr
Voor zijn’ geduchten troon.

5 Gansch Zion was verheugd,
En juicht’, o Heer! van vreugd,
Met Judaas dochtrenscchaaren,
Wanneer ’t de blijde maaren
Uws oordeels had gehoord:
Want Gij heerscht ongestoord,
En toont uw magt alom,
Ver boven ’t godendom,
’t Welk siddert voor uw woord.

6 Beminnaars van den Heer,
Verbreiders van zijn eer,
Hoopt steeds op zijn genade,
En haat altoos het kwaade.
Hij, die in tegenspoed
Zijn gunstgenooten hoedt,
Verleent hun onderstand,
En redt z’ uit boozen hand,
Die op hun onschuld woedt.

7 Gods vriendlijk aangezicht
Heeft vrolijkheid en licht
Voor al oprechte harten
Ten troost verspreid in smarten.
Juicht, vroomen, omm uw lot;
Verblijdt u steeds in God;
Roemt, roemt zijn heiligheid:
Zoo word’ zijn lof verbreid
Door al dit heilgenot!

Ontstaan

Inhoud

Muziek

Muziekuitgaven

Hymnologische informatie

De Zangbundel Joh. de Heer heeft strofe 1, 6 en 7 opgenomen vanaf de 28e uitgave (1991).

Culturele informatie

Literatuur

Externe links

Beginnetje 2.png Dit artikel is helaas nog slechts een beginnetje.
Voor meer beginnetjes zie de categorie Kerkliedwiki:Beginnetje lied