Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki verzorgt een wekelijkse podcast: Luistertroost! Onze alternatieve omgang met het kerklied, nu samen zingen in de kerk niet kan. Zo houden we de lofzang en de troost van liederen gaande.

Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas. Meer weten of vragen over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

In wat tijd, hoe groot en heerlijk

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is te vinden in de volgende veelgebruikte liedbundel(s):
Zangbundel Joh. de Heer 265
Mogelijk staat het ook in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
In wat tijd, hoe groot en heerlijk
Vorm Strofelied
Herkomst
Titel We are living, we are dwelling
Taal Engels
Land Verenigde Staten
Periode 1840
Tekst
Dichter Arthur Cleveland Coxe
Vertaler C.S. Adama van Scheltema
Metrisch 8-7-8-7-8-7-8-7
Muziek
Componist Anoniem
Melodie The Alarm
Solmisatie 5-6-5-3-1-6-5-3-1-6-5-3-1-2-3
Liedbundels
Zangbundel Joh. de Heer 265
Gezangen Zions 386

In wat tijd, hoe groot en heerlijk is een vertaling, door C.S. Adama van Scheltema van We are living, we are dwelling, een lied van Arthur Cleveland Coxe (1818-1896), in de Gezangen Zions gezet op een anonieme melodie: The Alarm.

Opname beluisteren

Tekst

1 In wat tijd, hoe groot en heerlijk
Zagen wij het levenslicht,
Is dit niet het eind der eeuwen,
Voorboô van het godsgericht?
Zie de natiën ontwaken,
Israël vraagt naar zijn Heer,
’t Schepsel zucht! Spreekt niet reeds alles,
Jezus van uw wederkeer?

2 Gord, gemeente, uw wapenrusting
Om de leên tot feller strijd;
Helm en borstplaat, schild en slagzwaard
Toon, wiens erve en deel gij zijt.
Als uw Vorst Zijn heirmacht monstert,
Ziet Hij ieder onzer ’t aan,
Dat het eer ons is en vreugde
Onder Zijn banier te staan.

3 Ook de booze spitst ten krijg zicch;
’t Voorgevoelen van zijn val
Doet hem worst’len tot vermeerd’ern
Van zijn slinkend strijd’ren tal;
Machtigen lokt hij met vleitaal,
Zwakken wint hij door zijn list,
Waak, gemeente, ’t is uw eere,
Als de hel haar doelwit mist.

4 Laat de booze u niet verschrikken
Door zijn groot en dreigend woord;
Sluit uw oor voor de aartsbedrieger,
Sta hem, waar hij zielen moordt.
Jezus heeft zijn macht gebroken,
Aan zijn heerschen perk gezet;
Vrees de slang niet, die nog stuiptrekt,
Jezus heeft haar kop verplet.

5 Waak, gemeente, toone uw strijden,
Wiens banier en naam gij draagt;
Dat ’t nabij zijn aan uw Koning
De eer is, die gij ’t vurigst vraagt.
Hoore elk onzer ’t van Zijn lippen,
Als eens voor Zijn troon wij staan:
“Wees Mij welkom, gij getrouwe,
Wat gij deedt, was wel gedaan.”

Ontstaan

Inhoud

Muziek

Hymnologische informatie

Het lied is vanaf de 1e uitgave (1905) opgenomen geweest in de Zangbundel Joh. de Heer, overgenomen uit de Gezangen Zions, met weglating van de 4e strofe en een betekenisveranderende wijziging in de laatste: 't nabij zijn van uw Koning...

Culturele informatie

Literatuur

Externe links

Voetnoten

Beginnetje 2.png Dit artikel is helaas nog slechts een beginnetje.
Voor meer beginnetjes zie de categorie Kerkliedwiki:Beginnetje lied