Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki verzorgt een wekelijkse podcast: Luistertroost! Onze alternatieve omgang met het kerklied, nu samen zingen in de kerk niet kan. Zo houden we de lofzang en de troost van liederen gaande.

Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas. Meer weten of vragen over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

Liedboek van aarde/Inhoud

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Liedboek van aarde
Liedboek van aarde.jpg

Morgen

Pagina Titel Beginregel
17 Groet (1) Moge gij u welkom heten
18 Groet (2) In het licht getreden
19 Groet (3) Aarde geboortevoor
20 Groet (4) Groet de nieuwe eerste dag
21 Zegen (1) Zegen deze vroege ochtend
22 Te rade gaan Bij de vroege ochtend
23 Hij boog Hij boog
24 Ochtendlied De ochtend is geboortetijd
25 Extase Treed uit uzelf
26 Ochtendgebed van de monnik In de kovel van zijn zwijgen
27 De bidder Stilstaan, almaar stiller staan
28 Het wordt licht Het wordt licht
29 Van de zon te zijn Van de zon te zijn
30 Het vuur is aan Het vuur is aan
31 Buig u Buig u
32 Dank Dank aan het vroege licht
33 Zo gij bejegent Zo gij bejegent
34 Lied van opstaan Licht het wekt u uit de slaap
35 Eer uw vader en uw moeder Eer uw vader en uw moeder
36 Aarde oecumene (l) Aarde is met de zon
37 Lichtdragers Die om het licht gegaan zijn
38 Lichthart Een liefde waaide door het haar
39 Adem Adem dat gij adem blijft
40 Geest is Geest is ochtend, dauw en regen
41 Psyche De adem van zee
42 Ziel Ziel is de adem die heet
43 In den beginne In den beginne
44 Schepping Dat er geen woord is
45 En de vrouw dan Naar zijn beeld
46 Mensenpaar Toen nam zij uit haar zijde
47 Mensensoort Van aarde zijn in licht
48 Ga in het huis Ga in het huis
50 Scheppingsverhaal Ogen gingen om de aarde
51 Schep aan uw schepping Schep aan uw schepping
52 Scheppingsdaad Ogen zagen op het land
53 Uit de aarde steeg een stem Uit de aarde steeg een stem
54 Van aarde zijn (1) Van aarde zijn van u
56 Aarde moeder Zal u heten aarde moeder
57 Van aarde zijn (2) Van aarde zijn een handvol grond
58 Humus humanum Van aarde zijn wij
59 Aarde begin en eind Aarde begin en eind
60 Aarde eerste laatste gij Aarde eerste laatste gij
61 Openbaring (1) De hemel is nacht
62 Openbaring (2) Vertel verzwijg mij het verhaal
63 Evolutie De tijd van het duister
64 Zee Aarde is eilanden op zee
65 Van appel zijn van aarde Van appel zijn van aarde
66 Appelhof Dit is de tempel van het zijn
67 Kloosterappel Tempel van aarde
68 Levensboom De ochtend vroeg staan
70 Dat de boom weet Wat weet gij dat de boom weet
71 In rozerood De bloem die bloeit in rozerood
72 Diep in de nacht Diep in de nacht
74 Onverschillig universum Van u dat mijn zijn verwekt is
75 Het weer Leven met het weer
76 Verrijzen van de lente Verrijzen van de lente
77 Jaargetijden Heb de jaargetijden lief
78 Dageraadlied De dageraad geboren
79 Initiatie Wat in u is gezaaid
80 Fantasie Zij kwam mij voor ogen
81 Van aarde geboren Van de aarde zijn geboren
82 Geboortelied Avond lag over daken en land
83 Geboorteliedje (1) Voor jou wil ik dit liedje zingen
84 Geboorteliedje (2) Zij ging op de tuin
85 Verjaardagslied Dank uw geboortedag
86 Van water Gaan op watervoeten
87 Dooplied (1) Geboren uit het waterbed
88 Dooplied (2) Adem van het waaien
89 Aardedoop Boog zij op haar
90 O voetstap op de vroege tuin O voetstap op de vroege tuin
91 Tuinbeperking Tenenhout omgeeft het kijken
92 Rite van aarde Gij moeder die mij baarde
93 Heilig spel De eerste schrede houdt mij staand
94 Over zingen Waarom zing je
95 In de koude zing je hoog Van geen hand van geen boetseerder
96 Aarde loflied Ik juich u aarde toe
97 Liedje ging Liedje ging
98 Lauden Verzameld in de morgen
99 Organist Die ter aarde knielde
100 Als er geen vreugde is Als er geen vreugde is
101 Tot wie te zingen Dit lied tot wie te zingen
102 Zevenmaal daags heeft het gezongen Zevenmaal daags heeft het gezongen
104 Zingen trouw gebleven Aan het zingen trouw gebleven
105 Schoonheid (1) Gij zijt verzetsdaad
106 Maak elke dag voornaam Maak elke dag voornaam
107 Heilig bestaan Heilig, heilig, heilig bestaan
108 Tempel Die ochtend was het
109 Geschilderde tuin Het is dankzij het licht
110 Stilleven Gij die daar nu voor altijd zijt
111 Boerin en boer zijn zij Boerin en boer zijn zij
112 Van de rogge zijn Van de rogge zijn
113 Ik zal van de vogel niet winnen Ik zal van de vogel niet winnen
114 Zonder veren Zonder veren
115 Zoals een vogel vliegt Zoals een vogel vliegt
116 Witte duiven Hij dacht aan duiven op zijn hand
117 Reeënpad Pad dat van de reeën is
118 Doe dat ook de dieren niet Wat gij niet wilt dat u geschiedt
119 Vragen de paarden mijn vragen Vragen de paarden mijn vragen
120 Paard (1) Hij komt van verre
121 Wij die onszelf niet kunnen raden Wij die onszelf niet kunnen raden
122 Vreemd in de tijd Zijn een vreemde in de tijd
123 Een wereld is in u De wereld al te moe
124 Kennen is zijn Zij vroegen de wijze
125 Gedachten Gedachten zijn de scheppingskracht
126 Zin De zin wordt uit de.zinloosheid
127 Zin geven Zin geven
128 Zegensteen (1) Maak uzelf maar meer afwezig
129 Niets nieuws onder de zon Brood is brood dat brood is
130 Trapleer Was al vroeg een hemeling
131 Daal naar de aarde af Daal naar de aarde af
132 Ga de stilte in Ga de stilte in
133 Dag Stond zij in het dag ontwaken
134 Monnik Was in het grote huis niet thuis
135 Licht Er was niets
136 Brug En het water scheidde zich van het
137 Boom Daar staat de boom
138 Aarde Zijt gij de schoot van mij
139 Ploeger Lag de akker open
140 Taal De klei ligt nieuw en nat
141 Graf Het was nog vroeg
142 Nacht Zag zij naar de lege hemel

Middag

Pagina Titel Beginregel
147 Dat er een stilte in u zij Dat er een stilte in u zij
148 Stilstaan Zij die stilstaan wijzen mij
149 Mensen maak het stil Of gij er alleen toe doen zoudt
150 Verstilde Verwonderd was hij
151 Die stille paden ging Die stille paden ging
152 Kapel Er zij in u een stille rust
153 Stilte gezellin Waar gij zijt dat gij mij wekt
154 Om het licht Om het licht
155 Tuintempel Zijn in het licht dat staat in het oog
156 De tuinkathedraal In de ommuurde kloostertuin
157 De tuin die je niet betreedt Eerbied is in het schouwen
158 De tuinman Hij zag de slangen op de wegen
159 Heilig de dag Heilig de dag
160 Zie de ster schijn in de nacht Wat geen mond beschrijven kan
161 Niet te begrijpen Niet te begrijpen
162 Natuurlijke historie Terug gaan in de tijd van aarde
163 Natuurkunde Alle verhogen wil ten hemel
164 Aarde ongenaakbaar Aarde ongenaakbaar
166 Natuurkundeles Leeg is de school
167 Ongenaakbaar zijt gij Moeder noem ik u
168 Waar het woord vandaan komt Waar het woord vandaan komt
169 Stil woord Stil woord
170 Onder woorden Van woorden houden
171 In de stille woorden wezen In de stille woorden wezen
172 Bijna geen woorden Bijna geen woorden, altijd dezelfde
173 Waakzaam zijn bij de woorden Waakzaam zijn bij de woorden
174 Taalverstand De ogen denken naar de woorden
175 Eerbiediging Het woord waarin mijn zijn wil
176 De woorden eerbiedigen De woorden eerbiedigen
177 Analfabeten Schriftgeleerden betweters
178 Spel het woord gerechtigheid Spel het oude woord gerechtigheid
179 Toen brak de taal Toen brak de taal
180 Woorden zij breken Woorden zij breken
181 De woorden werden ziende Die ontvangen in het oor
182 Schuilen bij de woorden Schuilen bij de woorden
183 Aarden woorden Aarden woorden
184 Woord dat ziet Het woord dat ziet
185 Zeven woorden Zeven woorden
186 Geschiedenis Ging in de woorden van ver
187 Mythenmaker mens Eerste weten in verhalen
188 Er is een ander spreken Er is een ander spreken
189 Vertel mij het verhaal Vertel mij het verhaal
190 Wonen in verhalen Wonen in verhalen
191 Taal voor later Wanneer de oude woorden niet
192 Boek van de verhalen Boek van de verhalen
193 Het groot verhaal Het groot verhaal
194 Boek De oude boom zijt gij
195 Wonen in het boek Wonen in het boek
196 Troostboek Woorden lezen, boek ligt open
197 Blijf bij mij boek Gij zijt er
198 Dat ik met u spreek Dat ik met u spreek
199 Als gij nimmer hebt bestaan Als gij nimmer hebt bestaan
200 Dat gij niet bestaat Gij maakt nu openbaar
201 Naamloze Eeuwige
202 Mijn geloof verliest de namen Mijn geloof verliest de namen
203 Gij zijt een verhaal Gij zijt een verhaal
204 Tegen die van goden spreken Tegen die van goden spreken
205 Uitgeleid uit het godenhuis Uitgeleid uit het godenhuis
206 Beeldenaren Die beeldenaren maakt
207 Beelden Beelden maak ik van jou
208 In uw verbeelden In uw verbeelden blijven gelovig
209 Dan is er uw verhaal Als er niets meer is
210 Gun mij God Soms denk ik gun mij God
211 Engel Dat gij zijt
212 Gij die mij bidt Gij die mij bidt
213 Bid in vreugde Bid in vreugde
214 Die leeft in de gebeden Die leeft in de gebeden
215 Gebed Dat wijken last en onlust
216 Voorbeden Brengen wij het woord bijeen
217 Ziener Hij draagt de tijd
218 Heremiet In het stille huizen wonen
219 Contemplatief Waar onrust is dat vrede kome
220 Kloosterstilte Daar wordt het stil
221 Kovelkathedraal Oude zware grijze kovel
222 Witte monnik In uw stilte ingetreden
223 Avondgebed van de monnik Bergt de handen in de kovel
224 De monnik en de dauw Wat avonds was was morgens
225 De monnik en de lauden Dan was hij op de tuin
226 De monnik en de tuin De dag bezongen
227 De monnik en de aarde Hij knielde op de aarde
228 De monnik en de grondwet In de tuin was hij op aarde
230 De monnik en het pad Hij gaat het zevenmaal
231 De monnik en het nieuwe jaar Hij ging diep in zijn kovelkleed
232 De monnik en de kovelkap Wonen in de kovelkap
233 De monnik en het bidden Bidt gij niet tot de hemel
234 De monnik en de ogen Hij zag wat hij nog nooit gezien had
235 De monnik en de voeten Die vroeg voor elke voetstap
236 De monnik en het knielen Knielen is het ambacht
237 De monnik en het buigen (1) In het buigen is zijn wezen
238 De monnik en het buigen (2) Hij boog voor de ochtend
239 De monnik en de kalmte Langzaam was uit hem gegaan
240 De monnik en de verlegenheid Was hij verlegen
241 De monnik en de terughoudendheid Terughoudend was zijn wezen
242 De monnik en de bescheidenheid Had zich uit het mensenmidden
243 De monnik en de vredegroet Hij ging zijn pad doorheen de stad
244 De monnik van de woorden Alle woorden droeg hij met zich
245 De monnik die de woorden warmde Hij zag ze zwerven over straat
246 De monnik en het boek In de avondschemer
247 De monnik en het uur Dan hoorde hij de klok
248 De monnik en de steen (l) Hij hakte in de steen
249 De monnik en de steen (2) Zijn stap deelt in de stilte
250 De monnik en het stilstaan Hij was in niet bewegen
251 De monnik en de gelofte Vroeg was het op de weide
252 De monnik en de kennis In heel zijn doen was wijsheid
253 De monnik en de zwijgzaamheid Zijn ogen, stille ogen
254 De monnik iconenschilder Buigen kussen buigen
255 De monnik en het handschrift Bad hij het blad
256 De monnik en de druiven Hij schilderde omhoog
257 De monnik en het liefdesspel Zachtmoedig onverstoorbaar
258 De monnik en de schrijn Dat alle zijn is schrijn van zijn
259 De monnik en het groeten Hij groette allen alledag
260 De monnik en de werkelijkheid Toen daalde hij van hoog uit de
261 De monnik en de mensen Hij ging door stalen deuren
262 De monnik en de stad Op langzaamvoeten ging hij
263 De monnik en de dwaasheid Deed wat niemand deed, hij knielde
264 De monnik en de dwaalwegen Ging de monnik op zijn wegen
265 De monnik en het toevertrouwen Nocturnen zijn het nachtgezang
266 De monnik en de vespers Laatste voeten in de nevel
267 De monnik en het avondmaal Staan aan het avondmaal
268 De monnik en de dood Zalige dood zei hij alleen maar
269 Klok Op het pad van stilte gaan
270 Als de klok luidt Als de klok luidt
271 Kerkepad Hand aande klink
272 Stilhuis Stil, stil nu, word nu stil
273 In gotisch blauw Daar op de drempel
274 Introïtus Ingaan in het wonen
275 Nu hier niemand is Nu hier niemand is
276 Huis van verleden Het huis is in uw geest
277 Vouw uw handen samen Vouw uw handen samen
278 Vragen Vragen zijn de wolk die wegdrijft
279 In vervoering van zien In vervoering van zien
280 Ramen In het donker onder
281 Icoon (1) In de stilte bewegenloos
282 Icoon (2) Zeventig bij zeventig
283 Iconenschilder Uren der vervoering
284 Icoon (3) Nis in het zielhuis
285 Engelbewaarder Engelbewaarder
286 Iconostase ( l) Tot stilstand staan
287 Iconostase (2) Niet zou ik weten wie gij zijt
288 Gemeente Verkeren bij elkaar in stilte
289 Kom u verwarmen Kom u verwarmen
290 Groot orgellied Juichend daalt het op ons neer
291 Stilte treed nu in Stilte treed nu in
292 Het herhalen der verhalen Het herhalen der verhalen
293 Welven tot elkaar Welven tot elkaar
294 Ontsteek nu het licht Ontsteek nu het licht
295 Ontsteek het licht Nu ontsteek het licht
296 De herhaler De herhaler
297 Dit huis Als gij niet meer samenkomt
298 Kaïnsstad De kaïns vielen stil
299 Babel Een toren van taal
300 Kom niet nader Kom niet nader
301 Het oud verhaal Het oud verhaal
302 Zoet was het lichten Beklom hij de bergen
303 Magnificat In de mantels van de eeuwen
304 Sterre der aarde Gij sterre der aarde
305 Onze lieve heer Wees gegroet onze lieve heer
306 Onze lieve vrouw Onze lieve vrouw
307 Madonna Madonna
308 Pietà Hand die het hout gesneden heeft
309 Adventskrans Vlecht de krans van wintergroenen
310 Adventslied Het licht zal weldra komen
311 Kerstnacht De geboorte van het leven
312 Toen in die nacht Toen in die nacht
314 Toen zongen engelkoren Die nacht was alle nachten
315 Kerstnacht geboorte Toen schilderde de hand
316 Herderlied (1) Waren die nacht in waken en horen
317 Herderlied (2) Het eerste, het laatste
318 Herders Breng mij geen offers
319 Moeder en zoon Waarom is de aarde rond
320 Paasnacht Ontsteek het licht
321 Pasen Het is het opstaan van het leven
322 Hemelvaart Vrees niet de aarde
323 Pinksteren De eerstedags dauw
324 Pinkstertaal Zal er een taal zijn
325 Voetpad De gesleten grond
326 Kruis Op het kruis van wegen
327 Verloren zoon Het huis was niet zijn huis geweest
328 Gids tweeduizend voeten voor mij Gids tweeduizend voeten voor mij
329 Toen er het donker was Toen er het donker was
330 Zij waren alleen in de tuin Zij waren alleen in de tuin
332 Jezusgebed Of gij hebt bestaan
333 Samaritaan Ging rond de aarde
334 Storm Noem de storm bij name
335 Die in de tempel ging Die in de tempel ging
336 Klein christuslied De ogen zijn mijn ogen
337 Die gaat waar ik niet ga Die gaat waar ik niet ga
338 Maartenslied Hoog gezeten
339 Franciscus Goede dag goede mensen
340 Volg het voetpad door de tijden Volg het voetpad door de tijden
341 Vrede vrede (1) Vrede vrede dat er vrede
342 Vrede vrede (2) Vrede vrede breng elkander
343 Vredewens Waar het vrede is
344 Regenboog van vrede Hul mij in uw kleuren
345 Vredepad Dat ge een vredepad
346 Vrede van de stilte Vrede van de stilte
347 Geweld en vrede Geweld en vrede
348 Tegen het geweld Wijsheid is aard en maat
349 Broodmaal Het broodmaal dagelijks bezingen
350 Het alledaagse brood Het alledaagse brood
351 Tafelgebed Zaaien in aarde
352 Doe het oude broodverhaal Doe het oude broodverhaal
353 Brood en wijn Brood en wijn
354 Als brood en wijn te zijn Draag het brood aan
355 Zal dit brood uw vlees en bloed zijn Zal dit brood uw vlees en bloed zijn
356 Nu deel het brood Nu deel het brood
357 Zie en eet Zie en eet gebroken brood
358 Communielied Als brood en wijn
359 Oogstdanklied De vruchten die verzameld zijn
360 Neem en eet sprak zij Neem en eet sprak zij
361 Neem maar zei de aarde Neem maar zei de aarde
362 Onze moeder Onze moeder
363 Ecologische familie Os en ezel
364 Aarde communie Neemt en eet
365 Oecumene Leeuw gaat met lam
366 Aarde oecumene (2) Dat gij aardes aardeling
367 Verbond met aarde (I) Sluit het verbond
368 Zondagse verzameling De zondagse verzameling
369 Verbond van aarde (2) Heilig het verbond van aarde
370 De democratie van de aarde De zaden kiemen broden
371 Voeden is doden Voeden het doodt
372 Gij aarde niet ik Gij aarde niet ik
373 Zaad Zaad is vande aarde
374 Aardetrouw zijn Aardetrouw zijn
375 Trouwen met de aarde Mens die alleen zichzelf ziet
376 U aan aarde wijden Korrels in het leeg heelal
377 Wijsheid van aarde Wijsheid van aarde
378 Als uzelf zo heb de aarde lief Als uzelf zo heb de aarde lief
379 Troost van aarde Troost van aarde
380 Die ik liefheb vrees is Die ik liefheb vrees is
381 Met de ogen van de aarde Met de ogen van de aarde
382 En niemand zegt iets De aarde verbrandt
383 Aarde vragen om vergeving Zo kwam de monnik blootsvoets
384 Kers Eén kers lag op zijn hand
385 Tuin der democratie Samenleven van verschillen
386 Aarde heilig aarde Zo zong zijn ziel
387 Toen sprak zij Toen sprak zij
388 Van slums worden tuinen Van slums worden tuinen
389 Slachtvee De schandpaal raakt mijn hoofd
390 Het is maar Het is maar
391 Kruisweg van het paard Gezonken op de open knieën
392 Westerbork Niemand is hier
393 Oorlogsgraven Ga naar de graven waar zij zijn
394 Gedenken De doden te gedenken
395 Mandelalied Hakte stenen in de hitte
396 Toen zei de moeder Toen zei de moeder
397 Homo suïcidalis Hij droogt de bronnen op
398 Weten dat niet weten wil Weten dat niet weten wil
399 Psalmzingend De zee wordt psalmenzingend
400 Die de tuin verwoesten Die de tuin verwoesten
401 Die de aarde schenden Om die de aarde schenden
402 Wenen om de stad Die bouwt uw babels
403 Geldtafel Niet liefde, geld maakt blind
404 Waar het kwade is Waar het kwade is
405 Vreemde tezeer anders Vreemde op het eeuwenpad
406 Of wij niet bij aarde horen Of wij niet bij aarde horen
407 Wat verbeeldt ge u toch mens Wat verbeeldt ge u toch mens
408 Van het doden niet zingen Ik kan van het doden niet zingen
409 Appel van de schaamte Schaamte huist in mij
410 Geen haat gezaaid van goden Geen god gehoorzaam
412 Vooruitgangsgeloof Zij zeiden in de stad
413 Wanhoop om de mens Wanhoop grijpt mijn keel
414 Misschien dat het nog geschiedt Zien het mensenkwaad
415 Uit het woordhuis Waar de woorden zijn gebroken
416 Uit het beeldhuis Schermen maken platte koppen
417 Hoor de taal Hoor de taal
418 Wereld van chaos Wereld van chaos
419 Groten der aarde (1) Groten der aarde, zo willen zij heten
420 Groten der aarde (2) Zie ze rijden
421 Rijken Rijken
422 Wereldorde Geef mij uw grond
423 Bezit scheidt Bezit scheidt
424 Waar ze schreeuwen Waar ze schreeuwen
425 Veel moet het zijn Veel moet het zijn
426 De mens die doodt Geen leven op aarde
427 Ogen gaan open Ogen gaan open
428 Droomgezicht Meest in u het droomgezicht
429 Tegen de tweede schepping Tegen die het beter weten
430 Anders dan olympia De laatsten zullen de eersten zijn
431 Ik denk het wel Ik denk het wel
432 De vogel in mij De vogel in mij
433 Grûn De grûn haldt tis
434 Grassen Waarom zouden grassen minder zijn
435 Varen te zijn Varen te zijn
436 Tabernakel Tabernakel
437 Dat ik zo mens mag zijn Dat ik de roos ben
438 Het schone Het schone zal zeldzaam zijn
439 Kom bij mij Kom bij mij
440 Wil elkaar gelofte doen Wil elkaar gelofte doen
441 Vriendschap Zeg me met wie ge bevriend zijt
442 Liefde gaat langzaam Zij gaat gestaag
443 Ringen Uit diepe schoot van aarde
444 Liefderode stad In het verzachten
446 Bruiloft van met allen trouwen Bruiloft van met allen trouwen
447 Zilverwerk Uw leven werd van zilverwerk
448 Kleine mensen doen het grote Hand gaat zaaiend op de akker
450 Eerbiedig uw huis Eerbiedig uw huis
451 De wereld van de kleinen Die ploegen en zaaien het land
452 Hebben en zijn Die hebben willen
453 Eenvoudig zijn Eenvoudig zijn
454 Van zachte krachten Aarde is van zachte krachten
455 De zachte krachten Storm en vloed willen verzwelgen
456 Dan nog leven Als de dood woedt
457 Als dood regeert dat leven roept Als dood regeert dat leven roept
458 Het onmogelijke Het onmogelijke
459 Zie je het niet Waar muren nog vallen
460 Allen te voet Allen te voet
461 Heilig Heilig fluisterden zijn tranen
462 Vuurdrager Dat er het vuur in u mag zijn
463 Symfonie Wil niet de bas een viool
464 Langzaam uw gaan Langzaam uw gaan
465 Vrede zij u Vrede zij u
466 Vreemdeling Niet jouw naam
467 Groot zij de ziel Groot zij de ziel
468 Alle ander die gij zijt Alle ander die gij zijt
469 Het heilige Daar wordt niet ingegaan
470 Oog van de naald Er zal een land zijn
471 Wie nog geloven Waar je vertrouwd was
472 Dat gij uw wegen wijdt Dat gij uw wegen wijdt
473 Arbeid is levenswerk Arbeid is levenswerk
474 Wees niet hoger Wees niet hoger
475 Weet alleen te zijn Weet alleen te zijn
476 Staan voor waar en goed en recht Staan voor waar en goed en recht
478 Niet ontaarden Dat gij niet ontaarden moogt
479 Thuiszijn Thuiszijn
480 Machtelozen Altijd zijt gij machtelozen
481 Is er een hand Is er een hand
482 Levenswerk (1) Enig levenswerk dat houdt
484 De langste reis De langste reis
485 Levenswerk van nietdoen Levenswerk van nietdoen
486 Anoniem Niet groot onder de mensen wezen
487 Raas niet door de wereld Raas niet door de wereld
488 De strenge engel Nu moet jij zelf gaan
489 Niet achter u Niet achteru
490 Nimmer meegelopen Nimmer meegelopen zijn
491 Links Hij zag zijn hemd, hij zag de rijst
492 Weldaad Wie weldaad vindt
493 Levenswerk (2) Het levenswerk is dag aan dag
494 Leer mij het diepe buigen Leer mij het diepe buigen
495 Blijf vertrouwen Blijf vertrouwen
496 Heilige daad Alle doen ten leven
497 Goedemens bericht Dat komt het goedemens bericht
498 Alleen het mooie maken Alleen het mooie maken
499 Tempel van het doek Gezeten aan de ezel
500 Het stille doek Het meet nauw een bij een
501 Zelfportret Van zwartgelijnd zijn
502 Aandoening Aangedaan, het is mij aangedaan
503 Gebrek in mij Gebrek in mij
504 Uw beeltenis In verlorenheid
505 Over stenen struikelend Over stenen struikelend
506 Verloren Als ge het licht hebt verloren
508 Antwoord Niemand geeft antwoord
509 Verlamd zijn Zij waren kreupel hoofd en hart
510 Wanneer de vloed u overspoelt Wanneer de vloed u overspoelt
511 Waar het hard is Waar het hard is
512 Na het stormen in de ziel Na het stormen in de ziel
513 In vervreemding In vervreemding
514 Toen het nog in de winter was Toen het nog in de winter was
515 Levensloop (1) Hij ging alleen, hij zwierf en vond
516 Er is geen vluchten in de schoonheid Er is geen vluchten in de schoonheid
517 Ben ik geboren Over mijn jaren
518 Credo De mens die naar de huizen gaat
519 Zij zij geloofd Hemel die geen hemel is
520 Die anders zijt Die anders zijt
521 Ritueel Het stil bijeengekomen zijn
522 Zegensteen (2) Ligt gij in het eeuwig zijn
523 En nog vreugde Elke dag en elke daad
524 Van de kinderen Der aarde is van de kinderen
525 Voor de kinderen Dat er schatten zijn

Avond

Pagina Titel Beginregel
529 De duif alleen Ik weet u eenzaam op de tuin
530 De vogels voerde hij De hemel zwart
531 Voeten Waar uw voeten zijn gegaan
532 In vreugde Het is gegaan zoals ik zing
533 Stilte van de dingen Ver van de luidruchtigheid
534 Democratie van de slaap Waken gaat rechtop
535 De laatste monnik Hij ging het pad van het leven
536 Kringloop Uit de grond kiemde zaad
537 Al Al dat om en in mij is
538 Eindig heelal U heet ik eindigheid
539 Aardebrein In de stilte teruggetrokken
540 Paard (2) Staat in de natte winter
541 Planten schreeuwen niet Planten schreeuwen niet
542 Alles is strijd Alles is strijd
543 Blijf niet staren naar de hemel Blijf niet staren naar de hemel
544 Herfstlied Ga op de tuin
545 Het grote sterven Het grote sterven
546 Op stervens voeten In de herfst op stervens voeten
547 Bladspiegel Nu al, zo ochtendvroeg
548 Verval (l) In het verval gekomen zijn
549 In het verval In het verval gaan
550 Opgaan in de herfst van sterven Opgaan in de herfst van sterven
551 Zo stil te sterven Zo stil te sterven
552 Herfstakker Nu zie ik u geploegd
553 Vreugde Vreugde is door u heengegaan
554 Verschijning De jongen ging het beekdal
555 De brug over de beek Het oude hout is groen
556 Fransum Het weidepad voert hoog
557 Wij gaan in een wonder Wij gaan in een wonder
558 Het onvolmaakte zijn Liep scheef, zo lelijk scheef
559 Avond Was in de avond ingegaan
560 Draag de aarde in u Draag de aarde inu
561 Buig u ter aarde Buig u teraarde
562 Toen is hij uit de kerk gegaan Toen is hij uit de kerk gegaan
563 In het alleenzijn In het alleenzijn
564 In vespertijd van leven In vespertijd van leven
565 Avondmaal Aan het avondmaal gekomen
566 Zalig de soberen Zij zaten aan het avondmaal
567 Die ik liefheb verhaal mij Die ik liefheb verhaal mij
568 Vrede van het brood Vrede van het brood
569 Oecumene van de tuin Gingen op de ene tuin
570 Zij spraken rustig Zij spraken rustig
571 Van samenzijn Het stille zijn van samenzijn
572 Mens gij de enige Mens gij de enige
573 Gij die om mij zijt Dat gij er zijt
574 Bij de woorden wonen Kunstschatten van de tijd
575 Verschijnen De woorden zijn gedoofd
576 De kaars brandt in het raam De kaars brandt in het raam
577 Luister Luister naar het waaien
578 Brief Zevenmaal ging de brief
579 Levensloop (2) Het licht valt opde aarde
580 De aarde in de hemel Kleiner dan een druppel
581 Een van u Wolken, regendruppels
582 Beeltenissen in u Zie naar de beeltenissen
583 Een Jezuslied Het was die nacht
584 Geen goden Zie geen goden in de nacht
585 Drink mijn kind De engel naast mij
586 Het heelal is koud Dat het heelal is koud
587 Uittocht Uit de nacht, uit de angst
588 De wijze Wie is de wijze
589 Naakt Gij zijt niet aangeraakt
590 De oude ging De oude ging
591 Religieus Ging op oude stramme benen
592 Schoonheid (2) Schoonheid gevonden
593 Jongen Oud geworden
594 Oude liefde Hij dacht dat liefde was gestorven
595 Het nietzijn zaligspreken Vrees het niet
596 Oude Oude gaat het winterpad
597 Wanneer het reizen u te ver wordt Wanneer het reizen u te ver wordt
598 Oude pad van vrede Gaan het oude pad van vrede
599 Erf Nooit is hij van het erf geweest
600 Verval (2) Als het verval u komt
601 Onthecht De dagen laten langzaam los
602 Moeder aarde Moeder aarde
603 Zalig is de dood Dat ik het mag zingen
604 Als gij naar binnen gaat Als gij naar binnen gaat
605 Naar de aarde wil ik Naar de aarde wil ik
606 Waar het luid is Waar het luid is
607 Naar u verlangen aarde Naar u verlangen aarde
608 Ter aarde gaan Van stap tot stap
609 Volledigheid Nu stroomt het al uit mij
610 En zag het licht Hij lag en zag een licht
611 Posthuum Posthuum
612 Niets zal van u blijven Niets zal van u blijven
613 Vincent Zag het sterven inde aarde
614 Dan ben ik aarde Dan ben ik aarde
615 Leven leeft voort Waar ik sterf
616 Zo ben ik gegaan Toen daalde de duif
617 Dan zal ik zijn Dan zal ik zijn
618 Ween niet om mij Ween niet om mij
619 Niet mijn leven Niet mijn leven
620 Eigenlijk is er geen dood Eigenlijk is er geen dood
621 Dan zal ik niet meer zijn Hij boog over de aarde
622 Het is volbracht Het is volbracht
623 Aarde ter aarde Dan ga ik aarde ter aarde
624 Dan sterft een mens ter aarde Dan sterft een mens ter aarde
625 U aan aarde toevertrouwen U aan aarde toevertrouwen
626 In mijn wenen In mijn wenen
627 Zo vertrouw ik u ter aarde Zo vertrouw ik u teraarde
628 In de schoot van aarde Rust rust in vrede
629 Uw niet bestaan Uw niet bestaan
630 Bij uw graf Bij uw graf verstild te staan
631 Boom en vriend Het is op het hoge land
632 In het gedenken In het gedenken
633 Crypte Voeten daal nu af
634 Bij het uitstrooien van de as Acht niet op mij
635 Zonder gezicht Zonder gezicht
636 Er is voorzien Er is voorzien
637 Groet (5) Aarde uw graf zij schoot van
638 Zegen (2) Wees gezegend in uw ingaan