Tips nodig? Zo kun je een lied zoeken. Hier vind je een overzicht van alle liedbundels.
Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas.
|
O God, geen God heb ik dan U
Mogelijk staat het wel in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
| O God, geen God heb ik dan U | ||
| Vorm | Strofelied | |
| Herkomst | ||
| Taal | Nederlands | |
| Land | Nederland | |
| Periode | Omstreeks 1566 | |
| Psalm 63 | ||
| Schrijver | David (volgens opschrift) | |
| Latijnse titel | Deus, Deus meus | |
| Vulgaat | Psalm 62 | |
| Berijming | Psalmberijming van Petrus Datheen | |
| Tekst | ||
| Dichter | Petrus Datheen | |
| Bijbelplaats | Psalm 63 | |
| Metrisch | 8-9-9-8-9-8-8-9 (1-6) 8-9-9-8 (7) | |
| Muziek | ||
| Componist | Loys Bourgeois | |
| Melodie | Psalm 17 Psalm 70 | |
| Solmisatie | 4-3-5-6-5-4-2-3 | |
| Gebruik | ||
| Liturgie | Maaltijd van de Heer | |
| Trefwoord | In gebrek van toegang tot de openbare Godsdienst HC Zondag 38 Van het vierde gebod | |
| Liedbundels | ||
| Bundel van Petrus Datheen 63 | ||
O God, geen God heb ik dan U is een berijming van Psalm 63, deze berijming maakt deel uit van de Psalmberijming van Petrus Datheen. De tekst is van Petrus Datheen, de melodie is afkomstig uit de Geneefse Psalmen.
Inhoud
Opname beluisteren
Tekst
PSALM 63
1
O God, geen God heb ik dan U;
Van ’s morgens aanbid ik U, Heere;
Mijn ziel verlangt naar U gaar zere,
Die gans in mij versmeltet nu.
Geheel verdroogd is mijn lichame,
Mijn krachten vergaan algelijk;
Mij dorstet, als een dor aardrijk,
Naar U in deez’ plaats onbekwame.
2
Opdat ik nog eens aanzien mag
Uw heerlijkheid, na dit benauwen;
Zo ik die lieflijk te aanschouwen
In Uwen schonen tempel plach’.
Want veel beter is Uw genade
Dan ’s mensen leven zelfs hier is;
Daar zal ook mijnen mond gewis
Uwen lof spreken vroeg en spade.
3
Daar zal ik zingen Uw eer klaar,
Zolang als ik ben in dit leven;
U met handen hoog opgeheven,
Zal ik, o God, aanroepen daar.
Dit zoude mijns harten vreugd wezen,
En ook al mijn geneugt’ allein;
Mocht ik met hart en monde rein
U altijd loven, Heer’ geprezen.
4
Als ik rust op dat bedde mijn,
En overleg al Uwe krachten,
Zo moeten dan al mijn gedachten
Des nachts met U onledig zijn.
Want in mijn verdriet en mijn zorgen,
Hebt Gij mij geholpen eenpaar.
Dies prijs ik U; Gij hebt voorwaar
Met Uw vleugelen mij verborgen.
5
Mijn ziel hangt U zo vast’lijk aan,
Dat ze van U geenszins kan wijken;
Uw hand bewaart mij desgelijken
Voor allen die mij tegenstaan.
Maar zij die mijn ziel met onwaarde
Overvallen willen met leed,
Zullen in den afgrond zeer wreed
Verstoten worden onder d’ aarde.
6
Versneden werdt tot stukken klein
Met den zwaard’, en tot roof gegeven
Den vossen en dieren daarneven,
’t Goed mijner vijanden gemein.
Dan zal de koning hem verblijden
In Uw overwinninge, Heer’;
Wie U kent, zal Uw lof en eer
Uitbreiden klaar aan alle zijden.
7
Daarom die leugenmonden al,
Hoe valselijk dat ze ook spreken,
Zullen gestopt zijn en versteken,
Zodat ze niemand helpen zal.
(Psalmberijming van Petrus Datheen)
Ontstaan
Inhoud
Muziek
Zettingen
Bewerkingen om te zingen
Bewerkingen om te spelen
Muziekuitgaven
Hymnologische informatie
Culturele informatie
Literatuur
Externe links
Voetnoten
| Dit artikel is helaas nog slechts een beginnetje. Kerkliedwiki nodigt u uit uw kennis te delen door het artikel te verbeteren. |