Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki verzorgt een wekelijkse podcast: Luistertroost! Onze alternatieve omgang met het kerklied, nu samen zingen in de kerk niet kan. Zo houden we de lofzang en de troost van liederen gaande.

Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas. Meer weten of vragen over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

Wij loven u met man en macht

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is niet te vinden in één van de veelgebruikte liedbundels.
Mogelijk staat het wel in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
Wij loven U met man en macht
Lofzang van de drie mannen in de vurige oven
Vorm Strofelied
Herkomst
Taal Nederlands
Land Nederland
Periode Omstreeks 1963
Tekst
Dichter Tom Naastepad
Bijbelplaats Daniël 3:52-90
Psalm 147
Psalm 148
Jesaja 6:1-4
Johannes 1:1-14
Daniël 3:18-30
Canticum Lied van de drie jongemannen in de vuuroven
Metrisch 8-8-8-4
Muziek
Componist M. Weisse (a)
Willem Vogel (b)
Melodie Michael (a)
Solmisatie 1-1-1-7-7-1-6-5 (a)
5-1-2-3-5-3-2-1 (b 1)
5-3-2-1-7-1-2-3 (b 2)
Gebruik
Kerkelijk jaar Paasnacht
Thema Herfsttijd
Liedbundels
Het lied op onze lippen 20A ; 20B
Zingend Geloven 3-15 (b)
Tom Naastepad schreef de Lofzang van de drie mannen (soms: jongelingen) in de vurige oven allereerst op een bestaande melodie van M. Weisse. Later schreef Willem Vogel een prachtige dubbelmelodie bij Wij loven u met man en macht.

Tekst

In Daniël 3 staat het verhaal van de drie mannen, die door koning Nebukadnessar in de vurige oven werden geworpen, omdat zij in opstand kwamen tegen de wil van deze despoot. Wanneer Sadrak, Mesak en Abednego (ook: Azarja) niet verbranden ziet Nebukadnessar tot zijn schrik en verbazing dat zij ongeschonden zijn gebleven. En de koning laat ze vrij, looft God en verleent hun 'bijzondere gunst in het gewest Babel'. De vrij uitgebreide bijbeltekst is door Naastepad in de vorm van een strofelied omgedicht en over achttien vierregelige coupletten uitgespreid. De lofzang van de drie mannen eindigt steeds met dezelfde uitroep: 'Geloofd zijt Gij, .. Gij moet geprezen en hoog geroemd worden eeuwiglijk'. Naastepad eindigt elk van de 18 strofen van dit feestelijke lied daarom ook met de tekst 'in eeuwigheid'.

Inhoud

In het lied zijn drie thema's terug te vinden:

  • 1. Ruimte en tijd loven de Heer (strofen 1 tot 10);
  • 2. De aarde en haar bewoners prijzen God (strofen 11 tot 14);
  • 3. Priesters en dienaars van God zingen zijn lof (strofen 15 tot 18).
Ignace de Sutter schrijft in zijn liedbespreking (zie onder Literatuur voor de vindplaats) dat de strofen soms getuigen van 'lofprijzende humor' en citeert strofe 13:

De vogels zijn steeds hoog van toon,
het vee beneden is wat loom
maar loeit en blaat gepast en vroom
te zijner tijd. (n.b.: hier dus geen slotzin met 'in eeuwigheid'!)

Muziek

'Benedicite opera omnia', wij loven u met man en macht! De door Naastepad allereerst gekozen melodie betreft een in het English Hymnal voorkomende melodie van M. Weisse (melodie a). Daarnaast heeft Willem Vogel een feestelijke dubbelmelodie geschreven voor dit 18 strofen tellende lied. Hij gaf er ook een gewenste verdeling tussen vrouwen- en mannenstemmen bij aan. De twee melodieën zijn ook in combinatie uitvoerbaar. Het ritme is in beide melodieën gelijk, Het lied staat in F en moduleert halverwege naar de dominanttoonsoort C. Het tweedelige ritme bevat enkele karakteristieke componenten, zoals een tweetal syncopen (regel 2 en 3) en twee driekwartsmaten. Deze laatste maten illustreren het vaste refreinwoord dat aan het eind van elke strofe staat: eeuwigheid. Het markante ritme draagt zeker bij aan het snel eigen maken van deze dubbelmelodie aan een gemeente. De melodie heeft een aanstekelijke sfeer, die onmiddellijk recht doet aan de eerste regel van het lied: 'Wij loven u met man en macht!'. (Bron: toelichting ontleend aan het Commentaar bij Zingend Geloven III,15.)

Hymnologische informatie

Eerste vermelding van het lied staat in de maandbrief van 5 november 1963, waarin Naastepad over dit lied schrijft: 'Omdat de Schriftlezing en de overweging korter zullen uitvallen dan gewoonlijk zullen wij deze keer bij wijze van proef op de plaats van het Avondlied eens zingen het lange "Gezang van de drie mannen in de vuuroven" (Daniel 3: 52- 90) tot de berijming hiervan werd ik dezer dagen geinspireerd na een eenzame herfstmiddag, doorgebracht op het strand, vol van aangespoeld brak hout met zelfs een cadaver daartussen. Dat vrolijke lied temidden van de hel en het vuur: het is misschien de meest vergetene van alle cijns die wij de Koning verschuldigd zijn in deze aeon!'

In de maandbrief van 6 oktober 1964 schrijft Naastepad onder meer: '.....(we zingen) de Lofzang der drie Jongelingen in de vurige oven, u welbekend, maar nu op een nieuwe melodie van Willem Vogel, die, als de bezetting sterk genoeg is, het uitstekend zal doen.'

Literatuur

Het 'Benedicite' of de 'Lofzang der drie vrienden' / Ignace de Sutter. In: De dienst van het lied : muziek-historische en didaktische studies over het Kerklied in de Oecumene. Brugge: Uitgeverij Emmaüs, 1974. ISBN 9026477333.