Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki bevat nu informatie over ruim 4.500 liederen! Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas.

De eerstvolgende Kerkliedwiki Schrijfdag wordt gehouden in het najaar 2019 in Amersfoort (datum volgt). Aanmelden of meer weten over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

Gij kent mij, Heer, leer mij U kennen

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is te vinden in de volgende veelgebruikte liedbundel(s):
 Liedboek 2013 139a 
Mogelijk staat het ook in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
Gij kent mij, Heer, leer mij U kennen
Vorm Strofelied
Herkomst
Taal Nederlands
Land Nederland
Tekst
Dichter Wiel Kusters
Vertaler Cor Waringa (Fr)
Bijbelplaats Psalm 139
Metrisch 9-8-9-8
Muziek
Componist Eric Jan Joosse
Melodie Gij kent mij, Heer, leer mij U kennen
Solmisatie 1-3-2-3-4-5-6-5-5
Gebruik
Thema Vertrouwen
Liedbundels
Liedboek 2013 139a
 LB Fr 139a 
Rechten
Rechthebbende Liedboek bv

Gij kent mij, Heer, leer mij U kennen is een nieuwe versie van de tekst van Psalm 139 geschreven door Wiel Kusters. De melodie is van Eric Jan Joosse.

Opname beluisteren

Tekst

Ontstaan

De redactie van Liedboek-zingen en bidden in huis en kerk vroeg een aantal dichters naar nieuwe psalmberijmingen. Aan Wiel Kusters werd gevraagd om Psalm 88 Nu lig ik wakker in de nacht en Psalm 139 te verzorgen. De intentie was, psalmen die ófwel nooit gezongen worden in de Geneefse vorm, ófwel nooit in hun geheel gezongen worden (bijv 31, 139) in zo'n vorm aan te bieden dat ze weer zouden gaan klinken. Hebraïcus Jaap van Dorp maakte een schets van de psalm, ten dienste van de dichter.

Inhoud

'De dichter zelf geeft een toelichting op het lied, aan de hand van een vraag van een cantor die méér wilde weten. Hier volgen zijn woorden, email 22 november 2013: 1e strofe, regel 2: ‘Gij denkt mij’: dat is bewust sterker uitgedrukt dan ‘Gij denkt aan mij’. Zoals het er nu staat is Gods denken ook een scheppen: Gij schept mij, ik ben Uw geesteskind. Gij denkt dus ik ben. Maar als Uw schepsel denk ik nu met U mee. Gods schepsel richt zich naar Hem. En in dat meedenken schep ik, beter: verhef ik (in de niet hovaardige zin) mezelf ook een beetje. Ik werk mee met Uw genade. Vgl. in de psalmvertaling: “Klom ik op naar de hemel – u tref ik daar aan”.

De regels 3 en 4 zijn gebaseerd op en gaan in gesprek met de notie uit de psalm die betrekking heeft op Gods leiding. De wederkerigheid waarover ik schreef doet zich ook hier gelden. Gij leidt mij, maar wilt mij niet mennen: Gij wilt dat niet en het hoeft ook niet, want ik wil u vrijwillig volgen. In vrijheid voor U blijven kiezen. Ik wil bij u blijven. Dat is een hoge vrijheid die ik daar mag ervaren, en het heeft iets blijs. Vandaar dat beeld van een paard dat langs de zee draaft, in vrijheid kiezend voor het volgen van de strandlijn, de zeelijn. Daarbij is die zee een beeld voor God, klassiek: voor het oneindige, hier de Oneindige. Het wóórd zee vindt u ook in de psalm: “zelfs als ik ging wonen voorbij de verste zee”. Het beeld van het paard komt niet in de psalm voor; daar wel het beeld van de vogel. Het leek mij niet ongeoorloofd in mijn tekst zo’n metafoor te vervangen. Het is immers niet een berijming van de psalm, ook niet een regelrechte bewerking ervan, maar een liedtekst bij psalm 139. Overigens komen in het laatste couplet toch weer de vleugels terug. In de slotregel is ‘Gij weeft mij’ een variant op ‘Gij kent mij’ uit de 1e strofe en ‘Gij hoort mij’ uit de 2e. Regel 1 van die tweede strofe is mogelijk nog wat duister. Maar het hoeft dat bij aandachtig lezen niet te zijn. Gij hoort mij, want ik spreek tot U. Maar ik hoor U ook. Ik hoor hoe U mij spreekt (denkt, schept – en dus niet alleen: hoe U tot mij spreekt. De zinsconstructie, dat vervlochten ‘ik hoor U mij spreken’, brengt een grote verbondenheid van Schepper en schepsel tot uitdrukking.'

Dichter

Wiel Kusters, 1947, komt uit een mijnwerkersgezin in Spekholzerheide/Kerkrade. Hij studeerde Nederlands in Nijmegen ; zijn proefschrift schreef hij onder begeleiding van professor A.L. Sötemann in Utrecht, waar hij ook promoveerde (1986): 'De killer. Over poëzie en poëtica van Gerrit Kouwenaar'. Hij was hoogleraar Letterkunde aan de Universiteit Maastricht, tot 2012. Schreef onder andere voor de passiespelen in Tegelen de nieuwe tekst, 'Levend bewijs', Querido Amsterdam 2005.

Muziek

Muziekuitgaven

Zie het artikel Zie Gij kent mij, Heer, leer mij U kennen (melodie) voor een overzicht van alle (orgel)literatuur en koorbewerkingen van deze melodie.

Hymnologische informatie

Cor Waringa heeft de Friese vertaling gemaakt: Jo kenne my, lit my Jo kenne