Koekjes.jpg
Ben je blij met de Kerkliedwiki? Steun ons met deze actie
Koop nu een grappige koekjessteker van Luther of Bach voor € 10,- (incl. verzendkosten) en draag bij aan de kosten van de webhosting van Kerkliedwiki.
Bestellen info@kerkmuzieknetwerk.nl
Koekjes.jpg Ben je blij met de Kerkliedwiki? Steun ons met deze actie Koop nu een grappige koekjessteker van Luther of Bach voor € 10,- (incl. verzendkosten) en draag bij aan de kosten van de webhosting van Kerkliedwiki.

Bestellen – Meer weten: info@kerkmuzieknetwerk.nl

Zangbundel Joh. de Heer/Inhoud

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud Zangbundel Joh. de Heer is de lijst met alle titels van de liederen in de Zangbundel Joh. de Heer. De eerste editie van deze bundel, met destijds 675 liederen, verscheen in 1905. In de loop der jaren is de bundel diverse malen aangepast en uitgebreid. In 2004 verscheen een jubileumeditie, met daarin inmiddels 1011 liederen. De nummering van de liederen kan tussen de edities verschillen.

In dit overzicht staat de volledige inhoudsopgave van de bundel. Links staat het nummer, rechts de titel of beginregel van het lied. Gebruik de pijltjes bovenaan de kolommen om de meest gewenste sortering te kiezen.

1rightarrow blue.svg Er wordt nog gewerkt aan een register op de rubrieken zoals die achter in de zangbundel zijn aangegeven.

Liednummer Beginregel van het lied
1 Ruis, o Godsstroom der genade
2 Aanschouw het Lam van God
3 Ach blijf met Uw genade
4 Alles wel, alles wel
5 Al de weg leidt mij mijn Heiland
6 Als de levensstormen woeden
7 Als g' in nood gezeten
8 Vrees niet, o mijn ziele!
9 Wie, wie zal mij roven 't zalige lot
10 Alles, wat adem heeft love de Here der heren
11 Juicht, o gij heem'len
12 Al is eng ook de poort
13 Ik wandel in het licht met Jezus
14 Wat God in deze tijd zoekt
15 Als de Heiland zal verschijnen
15A 'k Zal mijn Heiland straks ontmoeten
16 'k Ben hier een vreemdeling op reis naar huis
17 Als ik maar weet
18 Al zo lief had God de wereld
19 'k Ben reizend naar die stad
20 'k Bewoon een andere wereld
21 Ere zij aan God de Vader
22 Bijna bewogen, door 't heilig woord
22A Heer zie de wereldnood
23 Boven de starren en 's hemels hoog
24 Buiten U, o Heer, kan mijn ziel niet leven
25 Daar juicht een toon, daar klinkt een stem
26 Juicht, aarde, juicht alom de Heer
27 Geloofd zij 's Vaders een'ge Zoon
28 Daal als in tijden van ouds op ons neer
29 Heiland, door ’t bloed, eens gestort ook voor mij
30 Daar boven is een heerlijk oord
31 Wij reizen naar des hemels kust
32 Dat Here Jezus uw genâ
33 Daar ruist langs de wolken een lief'lijke Naam
34 Dat ons loflied vrolijk rijze
35 De dierb're Heiland is nabij
36 De Heer kent al de Zijnen
37 De genade onzes Heren Jezus Christus
38 De Geest strijdt, o zondaar!
39 Geef uw lot in handen van uw Vader
40 U kan ik niet missen
41 De nacht vlood heen, 't is helder dag!
42 De Meester is wachtend op u
43 Dierb're Heiland, mijn Verlosser
44 Die hier om Jezus' wille verlaten
45 Dochter Sions, wees verheugd!
45A U zij de Glorie opgestane Heer
46 Halleluja! O verkondt het luid!
47 Jezus gaat heden voorbij
48 Ere zij God
49 Dit is het Evangeliewoord
50 Een luister straalt van ’t bijbelblad
51 Uw woord, O God, is liefd' en licht
52 Ik wens te zijn als Jezus
53 Ga niet alleen door 't leven
54 Komt tot het feest
55 Ik buig m' aan Uwe kribbe nu
55A God in den hoog' alleen zij eer
56 Een trouwe Vriend woont in de hemel
57 Er komen stromen van zegen
58 Broeders, komt, bidden w' om zegen
59 In de hemel is het schoon
60 'k Ben een koninklijk kind
61 Lang zwierf moed’loos op de bergen
62 Jezus, mijn Heiland
62A Vader, zie Uw kind'ren naad'ren
63 Jezus neemt de zondaars aan
64 Hand in hand met Jezus
65 Overal met Jezus
66 Jezus, mijn Verlosser leeft!
67 Neem, Heer, mijn beide handen
68 Hij 's de Koning van mijn hart
69 Eens, als de bazuinen klinken
70 Heerlijk klonk het lied der Eng'len
71 Jezus, Hij is Koning
72 Door een blik op het kruis
73 Zie ons wachten aan de stromen
74 Wat zou toch de kracht dier mannen
75 Heilig heilig
76 Zij raakte alleen den zoom van Zijn kleed aan
77 In God verborgen leven
78 Aan u zij, jongbekeerden
79 Op 't altaar in Gods woning
80 Elk uur, elk ogenblik
81 Zondaar, zoekt gij rust en vrede
82 Zouden wij ook eenmaal komen
83 Hoor des Heilands vriend'lijk noden
84 Gij, die kroonjuwelen zoekt
85 Vader, ik aanbid U
86 In de hemel noch op d' aard
87 Hoor naar Jezus' rede
88 Tehuis, waar niets verand'ring kent
89 Heer, onze God, hoe heerlijk is Uw Naam
90 Heer, die onze Vader in de heem'len zijt
91 In een donker graf gevangen
92 Machtig God, sterke Rots
93 Jezus leeft in eeuwigheid
94 Heer, ik kom tot U, hoor naar mijn gebed
95 Heil'gen, waakt, het tijdstip nadert
96 Ik bouw op U
97 Zoek, die daar roekeloos dwalen
98 Samen in de naam van Jezus
99 Er is uit dorre aarde
99A Daar kwam een rijsje groeien
100 Abba, Vader
101 Bouw op God en wacht Zijn zegen
102 Ontwaak, gemeente, richt uw oog
103 In Gods overwinning
104 Geprezen zij de Heer
105 Zoekt eerst het Koninkrijk
106 Voorwaarts, Christenstrijders
107 Prijs, mijn ziel, der heem'len Koning
108 Leid mij, Heer, o machtig Heiland
108A Woord van God, dat in 't verleden
109 Ziet gij die overgrote schaar
110 De banier van het kruis
111 U nabij
112 Ik weet niet waarom Gods genâ
113 Ik weet, dat mijn Verlosser leeft
114 Er is een overheerlijk land
115 Kroont Hem, kroont Hem
116 De doorboorde hand
117 Hij zal komen!
118 Hoor, het dondert!
119 Vat mijne hand
120 Heer ik geef m' aan U volkomen
121 Ga mij niet voorbij, o Heiland
122 'k Gaf mijn alles op voor Jezus
123 De zeven Geesten voor de troon
124 Witter dan sneeuw
125 Heer, Gij zijt mijn eeuwig erfdeel
126 Als ik Hem maar kenne
127 God gaf Zijn Zoon voor mij
128 Gij, die treurt, kom met uw smart
129 Gij vraagt mij, wat mij doet zingen
130 Een vrouw van Tyrus en Sidon
131 O, niets te zijn, gans niets te zijn
132 Heer! Ik hoor van rijke zegen
133 Hij die rustig en stil
134 Neem mijn leven, laat het, Heer
135 Werk, want de nacht zal komen
136 Mijn geest, mijn ziel, mijn lichaam
137 Hoort de hemelzangen! Daar is heden vreugd
138 Maakt, o zondaars, plaats voor Jezus
139 Mannen, broeders! Ziet het teken
140 Ik zie een poort wijd open staan
141 Zie Ik, de Heer, sta aan de deur
142 Jezus Christus mint u
142A Jezus Christus mint u
143 Jezus, dierb're Heiland
144 Overal met Jeuzs, roept mijn ziel verblijd
145 Vroeger was ’t de zegen, Nu is het de Heer
146 Jezus roept zondaars
147 Is Jezus' bloed voor mij gestort?
148 Zwart was de nacht en kil de grond
149 Groot is Uw trouw
150 Welk een vriend is onze Jezus
151 Moet ik gaan met lege handen
153 Lof zij de Heer
154 Stilte over alle landen
154A Eén weet alles van ons leven
155 Komt dank nu allen God
156 Dankt, dankt nu allen God
157 Komt, laat ons in den Geest
158 Looft, looft de Heer!
159 Mij is erbarming wedervaren
160 Wij gaan naar het land van de reinen van harte
161 Wij reizen steeds voort
162 't Licht straalt van verre
163 Geen versagen
164 Zingen wij van Zijn liefde nog eens
165 'k Zie het land
165A 'k Zie dat land, waar de zon nimmer daalt
166 Grijp toch de kansen, door God u gegeven
167 Vrede in ’t geloven aan ‘t woord van mijn Heiland
168 Jezus, Gij mijn kracht en leven
169 Hoe zalig, verlost te zijn door Jezus' bloed
170 Hoe zalig, verlost te zijn door Jezus' bloed
171 Laat m' U minnen!
172 Hoort het troostwoord, gij, Gods kinderen
173 O blijde dag, o zaal'ge stond
174 Jezus Christus, ik aanbid U
175 Op Golgotha daar moest de Heiland lijden
176 O, wat schaam ik mij met smarte
177 Laat mij slapend op U wachten
178 Lieve Heiland, diep verslagen
179 Dier'bre Heiland
180 Jezus, Die mijn ziel bemint
181 Geprezen zij des Heilands naam
182 Here der heren
183 God en Vader, hoog verheven
184 Komt, voorwaarts in de heil'ge strijd
185 'k Moet de Heiland met mij hebben
186 Al mijn twijfel geef ik Jezus
187 O God, die mij hebt vrijgekocht
188 Jezus, Zielevriend in nood
189 Heerlijk Evangeliewoord
190 Nader tot U, o Heer
191 Was mij, o Lam van God, Zie op mijn eer!
192 Ik lees: geen enk'le zondaar
193 Ga, vlied met uw smarte
194 Stille nacht, heil'ge nacht
195 Vol van pracht schijnt een ster in d'oosternacht
196 O wanneer, o, wanneer
197 Volle verzeek'ring, Jezus is mijn!
198 Onze Vader (JdH)
199 Eens zal op de grote morgen
200 O, welk een macht heeft Uwe liefde
201 Wij geven het niet over
202 O zee van Gods liefde
203 Mijn Jezus, ik min U
204 Nog is er plaats, het feest in ’s Koningszaal
204A Nog is er plaats, de feestzaal is bereid
205 Rijst op, rijst op voor Jezus
206 Komt, maaiers, 't is nu oogsttijd
207 Leg heel je hart bij Jezus neer
208 Er klinkt een lied van hemelglorie
209 Diep in mijn hart voel ik blijdschap
210 Kom tot uw Heiland, toef langer niet
211 U geldt de zaak, Uw roem en eer
211A Het geldt Uw zaak, Uw roem, Uw eer
212 Al rolt de zee, al loeit de wind
213 't Scheepke onder Jezus' hoede
214 Reeds lang verwacht Uw bruid, o Heer
215 Mijn Heiland heeft Zijn bloed geplengd
216 Ik zag Hem hangen aan het kruis
217 Koning van hemel, zee en aard'
218 Wij gaan voorwaats, roemend in des Heilands kracht
219 Spreek mij van Jezus, mijn Heiland
220 Zijn er twee of drie tezamen
221 Zalig in Jezus!
221A Veilig bij Jezus
222 Wat zorg en onrust hier beneên
223 Vrienden rondom ons, die zoeken naar rust
224 Uw kleed moet wit zijn als de sneeuw
225 Mijn Heiland, stort Uw Geest in mij
226 Zwak en moede, arm, ellendig, roep ik tot Hem
227 Klaag toch nimmer over wegen
228 Zullen we eens elkaar ontmoeten
229 Wat gaf rust mij in het hart
230 Hoe zalig is 't, o dierb're Heer
231 O denk aan het huis bij de Heer
232 Waarheen, pelgrims, waarheen gaat gij
233 Waarheen vriende, waarheen trekt gij?
235 Hebt gij in de Heer geloofd?
236 Dankt nu de Heer voor al Zijn zegeningen
237 'k Ben gered! Vergeven is mijn schuld!
238 Geeft Jezus eer! Hem, de Hope der zondaars
239 Hij vergaf mijn schuld in Jezus' naam
240 Een zegen voor u, wilt g' Hem nemen?
241 Waar zult gij zijn in d'eeuwigheid
242 O teder en zacht was des Meesters stem
243 Aan des Heilands voeten
244 God zij steeds met u tot wederzien
245 Zij zullen het niet hebben, ons oude Nederland
246 Strijders, heft de stem naar boven
247 Jezus, zie mij aan Uw voet
248 O land, waar mijn Heiland in hemelse pracht
249 Duizend vragen
250 Heer, ik kom met al mijn noden
251 Vrees niet, Ik ben met u
252 O, matten en moeden, begeeft u de kracht
253 Heer, wij komen voor Uw troon
254 Jeruzalem
255 Als trouwe oogstliên gaan wij voort
256 Als op 's levens zee de stormwind om u loeit
257 Wie koos 's Heren zijde
258 Kom in mijn hart
259 Gij biedt, Heer Jezus, rust mij aan
260 Wij weten het uur niet, dat Jezus ziet keren
261 Jezus is wachtend, o zondaar, op u
262 Zing een danklied tot de Heer
263 Er is nog plaats tot ank'ren
264 't Zij vreugde mijn deel is
265 In wat tijd, hoe groot en heerlijk
266 Vader, 'k wil U danken
267 Mijn Verlosser hangt aan 't kruis
268 Ik zeg het allen dat Hij leeft
269 Het oordeel is daar, Gods boek ligt ontsloten
270 Heft, Christ'nen, heft uw lofzang aan
271 Neem mijn leven, laat het, Heer
272 Daar staat iemand aan de deur
273 'k Wil zingen van mijn God en Heer
274 Hoe zal 't ons zijn, als eenmaal wij verkeren
274A Hoe zal 't ons zijn na alle leed beneden
275 Genade Gods! Wat sterv'lingsmond
276 Door Jezus' sterven gaf Hij de mens macht
276A Stervend met Jezus, Zijn vloekdood mijn eer
277 Heer, blijf dicht bij mij
278 "Wij roepen luid: "Halleluja!"
279 Heil'ge Jezus, trouwe Vriend
280 't Is middernacht en in de hof
281 't Kan zijn in de morgen
282 Hoor, hoor, mijn ziel
283 Vaste Rots van mijn behoud
284 Waak, Christen, wees wakker
285 Uw Koning staat, wacht voor de poort
286 Wie is het, die de wijnpers
287 Vreugde, vreugde, louter vreugde
288 Maranathaklokken luiden
289 God zij met u tot ons wederzien
290 Ver boven alle sterren
291 Ik was een dwalend schaap
292 Here onze God
293 Waak op mijn hart, mijn tong, stem aan
294 Heer, geef mij meer reinheid
294A Meer heiligheid geef mij
295 Hoe zoet, Heer Jezus, klinkt Uw naam
296 Waak, want uw tijd is kort
297 Jezus, hoor ons bidden
298 Dreigend woeden wind en golven
299 De Heer zal komen, ja weldra
300 Geest van God, maak in dit uur
301 Heer, eer van hier wij gaan
302 Mijn ziel verlangt naar U (JdH)
303 Jezus, leven van mijn leven
304 Looft den Here, prijst Zijn daden
305 Zie, o Jezus, ons bijeen
306 Op bergen en in dalen
307 Loof God met alle krachten
308 God is goed
309 Here God, ik wil U prijzen
310 Heil'ge bijbel, Woord mijns Gods
311 Dreunen zal eens ‘t feestgeluid
312 Leg maar stil je hand
313 Neem mijn leven, laat het, Heer
314 Heiland, wij zijn hier vergaârd
315 Eén Vader, Die ons noemt Zijn kind
316 Het graf is leeg
317 Buig niet voor verzoeking
318 Als gij 's avonds rustig neerligt
319 Als hier op aarde mijn werk is gedaan
319A Als hier al 't werk voor de Heer is volbracht
320 Uw naam, o Heiland, zij al d'eer
321 Heer Jezus, neem mijn handen
321A Wil aan Uw hand mij leiden
322 ’t Gebeurt soms, als ‘k mijn weg hier ga
323 O, wat smart en bit’re wroeging!
324 Jezu is het brood des levens
325 Er is nog plaats
326 Schoon als de hof was van Eden
327 Wie bouwt op de Rots
328 Waarom schuilt gij niet dichter bij Jezus
329 Zondaar, heeft een stem daarbinnen
329A De voetstap des Konings
330 Leer mij Uw weg, o Heer
331 Komt, laat ons samen Isr'els Heer
332 Vorst des levens
333 O God, die droeg ons voorgeslacht
334 Rots der eeuwen
335 O blijde dag
336 Waak op, gij geest der eerste boden
337 Laat ieder 's Heren goedheid loven
338 Wat ook het oog aanschouw’ beneden,
339 Vertroost, o Jezus, onze harten
340 Zingt, zingt een gezang de Here
341 O goedheid Gods! Nooit recht geprezen!
342 Eens zullen wij met Jezus leven
343 'k Sla d'ogen naar 't gebergte heen
344 Zingt nu blij te moê
345 Loof, loof de Heer
346 Heer, ai, maak mij Uwe wegen
347 'k Zal dan gedurig bij U zijn
348 'k Zal eeuwig zingen
349 Och, schonkt Gij mij de hulp van Uwen Geest!
350 De grote Schepper aller dingen
351 't Hijgend hert, der jacht ontkomen
352 Dat Israel nu zegge, blij van geest
353 Ik ben verblijd
354 't Oog omhoog, het hart naar boven
355 O Heer, de Koning is verheugd
356 Geef vrede, Heer, geef vrede
357 Hoe lief'lijk, hoe vol heilgenot
358 Geduchte God, hoor mijn gebeden
359 De lofzang klimt uit Sions zalen
360 Looft, looft nu aller heren Heer
361 Waar Jezus woont, daar zegent Hij
362 U alleen, U loven wij: ja
363 God heerst als Opperheer
364 Dat ’s Heeren liefde bij U woon’
365 God, de Heer, regeert
366 Mijn hart, o Hemelmajesteit
367 Welzalig hij, die Jezus kent
368 God heb ik lief
369 Looft, looft verheugd de Heer der heren
370 Heer, door goedheid aangedreven
371 Zou God Zijn genâ vergeten?
372 Leer ons, Vader, U verbeiden
373 'k Zal met mijn ganse hart Uw eer vermelden, Heer
374 Ai ziet! Hoe goed, hoe lieflijk
375 Ja, elk der vorsten zal zich buigen
376 Looft God, looft Zijn' naam alom
377 Vader, Zoon en Heil'ge Geest!
378 Zijn grondslag, Zijn onwrikb're vastigheden
379 Maar 't vrome volk, in U verheugd
380 Halleluja! Lof gezongen
381 Alle roem is uitgesloten!
382 God, enkel licht, voor Wiens gezicht
383 Komt laat ons saam, in Jezus' naam
384 Gij, Doper met de Heil'ge Geest
385 Halleluja, lof zij den Heer
386 O Zoon van God, van eeuwigheid
387 Halleluja! Eeuwig dank en ere
388 Ik ben d’ Uwe! Spreek daarop Uw amen
389 Heere Jezus, om Uw stem te horen
390 Gij hebt ons van d’ aarde willen kopen
391 Wees gegroet, Gij eert’ling uit de graven
392 Ga, werk in Mijn oogstveld, want d’ oogst is zo groot
393 Stort over mij Uw zegen
394 Van U zijn alle dingen
395 Op aarde woont geen vrede
396 U, Vader, Bron van leven!
397 Wij geven ons met blijdschap
398 Wij wachten U, o Zoon van God
398A Wat God doet, dat is welgedaan
399 Middelpunt van ons verlangen
400 De dag, door Uwe gunst ontvangen
401 Uit diepten van ellende
402 Niets is, o Oppermajesteit
403 Eens stond ik verzonken in diep gepeins
404 Hart aan hart en één in Jezus
405 't Hoofd omhoog, de Heer zal komen!
406 Uren, dagen, maanden, jaren
407 De zon schijnt in mijn ziel vandaag
408 Jezus, ga ons voor
409 Geef, gemeente, Jezus ere
410 Verlosser, Vriend, o hoop, o lust
411 Beveel gerust Uw wegen
412 Kom, Heil'ge Geest, daal neder
413 Een vaste burcht is onze God
414 Houdt Christus Zijne Kerk in stand
415 Is dat, is dat mijn Koning
416 Moet gij steeds met onspoed strijden
417 Daar ruist over d’ aarde een heerlijke Naam
418 Nader, nog nader, Heer, dicht aan Uw zij
419 Ginds in een steeg, vol ellende en nood
420 O eeuw'ge Vader, sterk in macht
421 Wie maar de goede God laat zorgen
422 Heil'ge Jezus, mij ten leven
423 Jezus komt om ons van lijden te bevrijden
424 Waakt, ontwaakt! roept Sions wachter
425 'k Wil U, o God, mijn dank betalen
426 O, lied’rijk God, stort ’s levens stromen
427 Neen, ‘k zal mij van Uw schand’ niet keren
428 Gij goot, o Jezus, in genade
429 Komt, knielen wij voor Jezus samen
430 Heer Jezus, daal nu met Uw zegen
431 Jezus, Gij mijn toeverlaat
431A Jezus leeft, en wij met Hem
432 't Oude jaar is heengegaan
433 Komt, dienaars van den Heer
434 O, Heil’ge Geest, kom haast, breek door
435 Uw goedheid, Heer, is hemelhoog
436 Ontwaak, gij die slaapt
437 Hoe zacht zien wij de vromen
438 't Was nacht in Bethl'hems dreven
439 Ik wil mij gaan vertroosten
440 Komt, laat ons voortgaan, kind'ren
441 Heer, ik geef mijn hart aan U
442 Heil'ge Geest, werk in ons midden
443 Wij prijzen U, God, voor de komst van Uw Zoon
443A Wij prijzen U, God, voor de komst van Uw Zoon
444 Zachtkens en teder roept Jezus de Zijnen
445 Zing nu de luister van Sions bevrijden
446 Prijst de Heer met blijde galmen
447 Neen, toon niet uw lijden
448 Neemt tijd om te knielen
449 Komt nu met zang van zoete tonen
450 Daal bij 't huiswaarts gaan Uw zegen
451 Kom, Jezus, mijn Heiland
452 Komt allen tezamen
453 Hebt gij reeds een hart gevonden
454 Zegen, Heer! De vredebode
455 Komt, vermoeiden, zwaar belasten
456 Nader, mijn God, bij U
457 Wijk, niet'ge aardse vreugd
458 Neem de wereld, geef mij Jezus
458A Jezus Christus, onze Koning
459 Prijs, mijn ziel, de Hemelkoning
460 Ik geloof in God de Vader, de Almachtige
461 God leidt ons, leidt met Vaderhand
461A God is der Zijnen burcht en schild
462 Er gaat door alle landen
463 Neem mijn leven, laat het, Heer
463A U behoort mijn leven Heer
464 Als uw leven is gedaan
465 Wanneer vindt de ziel toch de rust
466 Wij loven U, o God!
467 Voorwaarts gaan wij in het licht
468 Van boven moet het alles komen
469 Vrijheid, zo te minnen
470 Looft God voor Zijn liefd' en gena
471 Morgenglans der eeuwigheid
472 Ga op 't smalle hemelpad
473 Er is een heuvel, ver van hier
474 Zondaar, is uw hart verslagen
474A Zondaar, is uw hart verslagen?
475 God roept ons, broeders, tot de daad
476 Niet ik, maar Christus zij geëerd
477 Door de nacht van smart en zorgen
478 Eén naam is onze hope
479 Zingt, gij afgelegen landen
480 Van ied're smet, Heer, rein
481 God gaf tot roeping mij
482 Voor altijd met de Heer! Ja amen!
483 Daar is zonschijn heden in mijn ziel
484 Geef m' een geloof, zo vast, zo sterk
485 O, hebt gij 't heerlijk nieuws gehoord?
486 O hoofd, bedekt met wonden
487 Leer mij, o Heer, Uw lijden recht betrachten
488 Er is een Kindeke geboren op d'aard
489 Zijn uw zonden als scharlaken
490 Als 't bazuingeschal des Heren klinkt
491 Wij treden, o Vader, ootmoedig thans nader
491A Wilt heden nu treden
492 Vaak hebt gij Gods stem vernomen
493 De Heer is mijn herder, 'k heb al wat mij lust
494 O, liefde zonder grenzen
495 O, hoe teder vertroost ons de Heiland
496 Christus, onze Heer verrees
497 Zijn liefde zocht mij teder
498 Hosanna, hosanna, hosanna!
499 U behoort geheel mijn leven
500 Zie, negen en negentig keerden weer
501 Rustend in 't geloof aan Jezus' dierbaar Woord
502 Een korte wijl, de tijd genaakt
503 Sta, voor 't geen gij plicht weet, pal
504 De Heiland is mijn steun en staf
505 Gij die gelooft, verheugt u samen
506 Vader, wij komen nu als Uwe kind'ren samen
507 Rots der eeuwen
508 Gods toorn is van mij afgewend
509 De hoge God alleen zij d'eer
510 Hoor het zacht gefluister
511 'k Heb een boodschap van de Heer
512 O, wat wilt gij doen met Jezus?
513 God is getrouw
514 Hoe donker de weg ook, de Heer zal voorzien
515 Mijn Heiland liet Zijn hemeltroon
516 Teed're liefde van de Heer!
517 O hoe heerlijk, hoe begeerlijk
518 De Here zeeg'ne u
519 De Here zeeg'ne en behoede u
520 Zie Ik, de Heer, sta aan de deur
521 Mijn Vader is rijk in huizen en land
522 Zoals ik ben, kom 'k onbereid
523 Veilig in Jezus' armen
523A 'k Rust in mijns Heilands armen
524 Jezus bemint mij
525 In stille nacht in Bethlehem
526 Soms ben ik moe van 't strijden
527 Zegen ons Algoede
528 Rots waarop wij bouwen
529 Zie de leliën op 't veld
530 Mijn ziel verheft Gods eer
531 Lof zij de God van Israël
532 Afgedwaald van de Heiland, uw Heer
533 God is tegenwoordig
534 Met een eeuw'ge liefdeband
535 Zoals de knop reeds bloem bevat
536 Ik wil streven, rein te leven
537 Welzalig, die U wachten, Heer
538 Zo laat Gij, Heer
539 Verborgen in Uw heil'ge wil
540 Een jong'ling wandeld'in d'avondstond
541 Doorgrond mijn hart
542 Wilt gij van zonde en schuld zijn verlost
543 'k Heb geloofd en daarom zing ik
544 Behoed uw kerk, zet uit, o God, haar palen
545 O allerhoogste Majesteit
546 O grote Christus, eeuwig licht
547 Op, op, die 't rijk bewonen
548 Liefde was het
549 Stil, o Jezus, ons verlangen
550 Zijt gij gedoopt in Christus' dood
551 Hoor, de eng'len zingen d'eer
552 Komt, verwondert u hier, mensen
553 Er is een heuvel, ver van hier
554 Steun mijn moede hart, Heer
555 Geprezen zij des Heilands naam
556 Nooit zag 'k een Vriend
557 Nu daagt het in het oosten
558 Mijn kruis moge drukkend en zwaar zijn
559 Nimmer blonk een schoner licht
560 Volzaal'ge uren van gebed
561 Het leven is: een krijgsbanier
562 Jezus, Uw naam zij d' hoogste eer
563 Volg steeds uw Heiland in het licht
564 O Lam van God, voor mij op aard gekomen
565 Als wij eens al te samen daar boven
566 Al was des hemels gloed geblust
567 Ik spreek van verlossing zo gaarne
568 'k Zal eens mijn Heiland in heerlijkheid zien
569 Heer, wees mijn Gids op heel mijn levenspad
570 Hier, ver van 't aards gevoel
571 O, liefde Gods, oneindig groot
572 Dra komt de bruidegom
573 Als ik des Heilands kruis aanschouw
573A Als ik het wond're kruis aanschouw
574 Nader, nog nader, U meer nabij
575 Ik heb een Heiland, Die leeft om te bidden
576 Uw schepping, Heer, is godd'lijk schoon
577 't Is volbracht! Zo klonk aan 't kruishout
578 O, had ik duizend tongen meer
579 Golgotha, waar eens mijn Heiland werd gekruist
580 Ik mag zo gaarne horen
581 Jezus, Rustpunt van mijn hart
582 'k Wens, Heiland, U te volgen
583 Werpt nu de lijn uit, 't gevaar is zo groot
584 Daar is een Helper groot van kracht
585 'k Geef mijzelf aan U volkomen
586 Blijf met mij, Heer
586A Blijf bij mij, Heer
587 Jezus mint mij, Zalig lot
588 Spreek mij van Jezus, mijn Heiland
589 Heugelijke tijding, bron van hartverblijding
590 Halleluja! Looft de Heer
591 Dit is de dag, die God ons schenkt
592 Diep, o God, in 't stof gebogen
593 Daar is uit 's werelds duist're wolken
594 Jezus, onze troost en leven
595 O Gij, mijn troost en blijde hope
595A Op U, mijn Heiland, blijf ik hopen
596 Ik buig m' aan Uwe kribbe nu
597 Herders, ik boodschap, blij van stem
598 Heil'ge nacht, wees blij gegroet!
599 Het is volbracht
600 O Jezus, mijn troost
600A O Kindeke klein! O Kindeke teer!
601 Dierb're Heer Jezus, wat toeft Gij zo lange?
602 Hoe zal ik U ontvangen
603 Vrede van God
604 Zie de Mens!
605 De dag der kroning is gekomen!
606 O Hoofd, om 's werelds zonden
607 De jaargetijden zij komen en gaan
608 Verheft u, poorten, maakt u wijd
609 De herdertjes lagen bij nachte
610 Nu zijt wellekome
611 Op 't geluid der hemelkoren
612 Mijn Jezus is genoeg voor mij
613 In Bethlehems stal lag Christus de Heer
614 Teder wendt Jezus Zich tot u
615 Halleluja, lof zij het Lam
616 Loof, loof Jehova
617 Ik ben een strijder van het kruis
618 Als Christus, de Heer, tot mensen zich buigt
619 Kalm op mijn Verlosser leunend, heb ik vreê
620 Waarom weerstaat gij?
621 Bethlehems sterre, gij licht ons voor
622 Hoe lief'lijk is 't
623 Ver boven 't prachtig sterrendak
624 Wat zijt gij zo treurig
625 Vlied naar 't kruis met al uw' zonden
626 God is hier, Hij wil ons zegenen
627 Hoor, 't moet des Herders stemme zijn
628 Eén leven slechts
629 Volle vrede heb ik in mijn Heiland
630 God vormt zich een legerschare
631 Hoort gij niet de kreet uws harten
632 Mijn voet was moe van 't dolen
633 Komt, laat ons zingen altezaam
634 Iemand zal gaan door de paarlen poort
635 Heer onze God, wil ons weer levend maken
636 Een Vriend is mijn Jezus
637 Als zorgen mij omgeven
638 Wanneer zal 'k U aanschouwen?
639 Klem vast aan de Rots u
640 O, Heiland, Jezus, 'k roep U aan
641 Ik heb de vaste grond gevonden
642 Slechts vertrouwen elke dag
643 Dierb're Heiland, nader Gij
644 In de stille opperkamer,
645 Diep, diep aan Uwe voeten
646 Zaaiend in de morgen
647 Uw liefdedienst, o God, is heerlijk
648 t Is weer conferentie tijd
649 Hoe teder klinkt Uw stem
650 Jezus ga ons voor
651 Genadeklokken luiden
652 Keer weer, keer weer!
653 Hoe stond ik verbaasd van Gods liefde
654 Verblijdt u in Jezus, uw Heer
655 Neem de naam van Jezus mede
656 O, waar zijn de maaiers, bezield met vuur
657 Ik wil zingen van mijn Heiland
658 O Here Jezus, als ik U moest derven
659 't Is maar één stap tot Jezus
660 Eens diep verloren in zonde en dood
661 De dorre vlakte der woestijnen
662 Wachter, die op Sions muren wacht
663 Wat blijde hymne rijst uit 's hemels eng'lenrij?
664 Eens zal de dag vol blijdschap zijn
665 Het Lam, voor ons op aard' geslacht
666 Laat m' in U blijven, groeien, bloeien
667 U, heilig Godslam, loven wij
668 Kind'ren des konings, waarom zoudt gij slapen?
669 Heilig, heilig, heilig
670 Jezus is de Vriend van zondaars
671 Welk een omkeer heeft God in mijn leven gewrocht
672 Wilhelmus van Nassouwe
673 'k Ben een pelgrim
674 Looft, looft de heer gestadig
675 Weg, gij wereld! Met uw lusten
676 Merkt toch op der tijden teek'nen
677 Kloppend, kloppend! Wie is daar?
678 Rots der eeuwen, troost in smart
679 Waarom zou 'k vrezen
680 Zaal'ge hoop: de Heer komt weder!
681 Weldra verschijnt onze Heiland, o vreugd!
682 Prijst de Heer
683 Leid mij, trouwe Herder!
684 Wordt niet ontroerd van harte
685 'k Heb U beloofd, o Jezus, te dienen nu voortaan
686 Zoals gij zijt
687 Moet ik soms met twijfel strijden
688 O huis van veler woning
689 Wij hebben een machtige Heiland
690 Looft God, gij Christ'nen
691 Midden in de winternacht
692 Ik weet niet het uur, dat mijn Heer verschijnt
693 Zie de held're sterre schijnen
694 Komt, gij die Jezus mint
695 Heer, och zend de spade regen
696 k Heb gehoord van de Godsstad zo heerlijk
697 Tot Jezus kwam Nikodemus bij nacht
698 Er was Eén, Die gewillig Zijn leven eens gaf
699 Vrede zij u
700 Jerusalem, Jerusalem!
701 Blij klinken onze stemmen
702 Over de heuvels en stil in het dal
703 Zalig hij, die in dit leven
704 Mij wil de Heiland gebruiken
705 Is uw leven voor and'ren ten zegen?
706 In de heilige stad met de straten van goud
707 Wat zult zonder Christus gij doen
708 Dicht bij Jezus is mijn leven
709 Heiland, Gij bracht eens verlossing voor mij
710 Vader, wij komen biddend tot U
711 Zoals ik ben, 'k pleit anders niet
712 Hemelkoren lieten horen
713 Haast komt de Heer, heft op nu uw hoofd
714 Ere Koning, in Uw woning
715 Zaai bij het komen der zon reeds uw zaad
716 Leid vriend'lijk licht in 't midden van de nacht
716A Leid, vriend'lijk licht, mij als een trouwe wacht
717 Zie op Jezus; zie en leef!
718 Breng mij d' aloude tijding
719 Geen wiegje als rustplaats
720 Gouden harpen ruisen
721 Ik ben 't niet waardig, heilig God
722 Kroon Hem met gouden kroon
723 In des Heilands liefdearmen
724 Grote God, wij loven U
725 Grote God, U loven wij
726 O, had ik vleug'len, ik vloog weldra heen
727 Mijn ziel is gelukkig in Jezus
728 De herders in de velden
729 Ik zing van Jezus, mijn Heiland
730 Loof, mijne ziele, de machtige Koning der ere
731 't Verzoenend bloed van Jezus
732 Elk jaar heeft eigen vreugden
733 Verblijdt u te allen tijd
734 Des hemels eng'len schaar
735 Herders, hoe! Ontwaakt gij niet?
736 Gord u aan! Gord u aan!
737 Dierb're Heer Jezus, Heerser aller scheps'len
738 Schoonste Heer Jezus
739 Voor de Koning van ons leven
740 Hij komt, Hij komt, Hij is koning
741 Mijn ziel bezingt de luister
742 Gelijk de storm het water zweept
743 Niet door mijn werk ben ik verlost geworden
744 Open mijn oog, Heer, dat ik mag zien
745 Bron van zaligheden
746 Als eenmaal breekt mijn aardse huis
747 Heer Jezus kom! Komt tot Uw bruid!
748 Kom, o Immanuel, doel mijner zangen!
749 Zalig hij, die 't hoogste goed
750 Here Jezus, Gij zijt mijn
751 Weest niet bezorgd
752 Gelukkig is het land
753 Kom ga met ons naar Bethlehem
754 Eens was de hemel vervuld van Zijn glorie
755 Kom, Schepper, Geest
756 O Heer, die daar des hemels tente spreidt
757 Meester, hoe kunt Gij zo slapen!
758 Prijst God en zingt Zijn lof
759 Als de nevel, die het landschap had bedekt
760 Zeg toch niet nee, wanneer Jezus klopt
761 Onze Priesterkoning, Jezus Godes Zoon
762 Is uwe lamp wel brandend
763 Zingt nu de macht van Jezus' naam
764 Als ik denk aan de toekomst des Heren
765 Wees getroost in ieder lot
766 Weldra komt de Heer
767 Niets te doen, 't zij groot of klein
768 Dicht bij Jezus, bij de Heiland
769 Vol verwachting blijf ik uitzien
770 Wees mijn Leidsman, trouwe Here
771 Ik loop langs steile paân, maar Gij gaat mee
772 Als de zonde in u woelt
773 Meester, hebt G' ook een taak voor mij op aard?
774 Hij is gezien! Hij is gezien!
775 Gij eng'len, die omhoog
776 Jezus, mijn Heer en mijn Heiland, komt
777 Een pelgrim ben ik, anders niet
778 Aarde! zucht niet meer
779 Er is volheid van genâ
780 De Heer heeft meer om u te geven
781 Maranatha! was eens 't wachtwoord
782 In de straten, langs de heggen
783 Ik weet niet hoe dat Adams schuld
784 De Heer is mijn licht
785 Maakt soms de last uwer zonden u moe?
786 O, zalige dag, o heerlijke stond
787 Zie voor Pilatus uw Heiland staan
788 Halleluja! De Heer is mijn
789 Het is de mens gezet om eens te sterven
790 Halleluja! Steeds in alles blijde
791 Ster, waarop ik schouwe
792 Maranatha! Maranatha! Maranatha! Jezus komt!
793 Wanneer, o zult gij komen
794 Triomf! Triomf! Immanuël verrijst.
795 Komt, geheiligd Priestervolk!
796 Neem! Jezus staat met geopende handen!
797 Heer, een oog, dat U slechts ziet
798 Heer, Gij openbaart U hem
799 Heer, ga Uw gang!
800 Gouden harpen hoor ik ruisen
801 O heilig Lam van God
802 Eens breekt in mij het zilv'ren koord
803 Geef de Heiland 't roer in handen
804 Wij hebben een heerlijke Koning
805 Neem mij gevangen, Heer
806 Heerlijke tijding, bron van verblijding!
807 Schepper en Koning
808 Laat luid uw psalmen 't luchtruim door galmen
809 Op het Godslam rust mijn ziel
810 'k heb gehoord van een land
811 O mijn vriend, waar gaat gij henen
812 Hebt g' een anker sterk
813 Wij vormen één groot huisgezin
814 O Jezus, dat ik nooit vergeet
815 Volgen, volgen, ik wil Jezus volgen
816 In mijn hart, daar zingt een melodie
817 Als mijn arbeid voleindigd
818 Jezus, ik min U, o kom spoedig weer!
819 Ik ken een rivier en haar heerlijke vloed
820 Nog zijn 's hemels paarlen poorten
821 Zaaiend het zaad in de morgenstond
822 Niet zien en toch geloven
823 O kind van God, wacht met geduld
824 Maranatha! Juich, gij aarde!
825 Eén Vader, Die ons noemt Zijn kind
826 Twijf'ling zwijg, zwijg bange smarte!
827 Jezus zegt, dat Hij hier van ons verwacht
828 Zie slechts op Jezus, Uw Heiland, Hij leeft!
829 Jezus is bij mij, als de zon in 't westen daalt
830 Als ik eens zal gaan door de gouden poort
831 Zal 'k u weerzien bij de springbron
832 Wees toch rustig, als uw Landman
833 Mijn Jezus komt, ik zal Hem zien
834 Hoort de stem van 's Heren wachters
835 In deez' droeve wereld is veel leed en smart
836 Op die heuvel daarginds
837 O, heerlijke woning daarboven
838 Wij hebben de verlossing
839 Weldra komt de Heer op aarde
840 Gij dienaars van Hem
841 Ik reis naar de hemel
842 Welzalig 't huis, o Heiland onzer zielen
843 Wij knielen voor Uw' zetel neer
844 Nog juicht ons toe die zaal'ge nacht
845 Wees gegroet, gij Eersteling der dagen
846 Waterstromen wil Ik gieten
847 Rust mijn ziel! Uw God is Koning!
848 Halleluja! Lof zij de Heer!
849 Jezus komt weder! Reeds nadert de tijd
850 Daar klinkt in mijn hart een refrein
851 Eens was 'k ver van God
852 'k Ken een land aan d'overzijde
853 Maak uw zorgen tot uw schatten
854 Geprezen zij God op Zijn heilige troon
855 Wij zingen zoveel van de hemelse pracht
856 Hoort gij tot de Bruid des Heren
857 'k Wil u het geheim gaan verklaren
858 Eens ver van God
859 Die ouderwetse Godsdienst
860 Is uw leven verzekerd
861 Vernieuw Uw werk, o Heer
862 Zaal'ge troost, de Heer zal dra komen
863 Hoe vaak reeds begeerden wij stromen van zegen
864 Jezus zegt: Ik ben de Weg
865 Daar ging bij Egypte's gerichten
866 Een wonderbaar heerlijke boodschap
867 Jezus komt! Gij Kerk des Heren
868 Kom tot Jezus
869 Wacht gij op de volle zegen
870 Kind'ren Gods, bereidt de lampen
871 'k Ben wel gerèd, maar ben ik ook gerééd
872 Ziet, Ik maak wat nieuws op aarde
873 Zo ver van het Godsrijk te wezen
874 Is het wèl met uw ziel voor d'eeuwigheid
875 Wanneer zal 'k U begroeten
876 Neen nu nog niet
877 Hebt gij een last te dragen
878 Eens was ik een vreemd'ling
879 Wandel maar stillekens achter Hem aan
880 Wat de toekomst brengen moge
881 Is hier een hart, door vrees benard
882 Jezus kwam voor u
883 De Heer 's mijn Herder
884 Mijn Herder is de Here God
885 Dank U, voor deze nieuwe morgen
886 O God, als oog en oor
887 Gij die van God zijt afgedwaald
888 Antwoord op alle vragen
889 Nu gaan de bloemen nog dood
890 Ieder uur, ied're stap brengt ons nader
891 Er is een Naam gegeven op deez' aard
892 God voor ons, wie is ons tegen?
893 Luister naar de blijde boodschap
894 Wees stil mijn ziel
895 Jezus, Losser van mijn ziel
896 'k Stond eens stil op mijn pad
897 De klokken des levens
898 Uw schepping, Heer, is wonderschoon
899 De toekomst van mijn leven is in des Heren hand
900 De Heiland klopt verlangend aan uw deur
901 Jezus, Jezus, enkel Jezus
902 Jezus, Jezus, Jezus alleen
903 Zie, hoe de krachtige, milde en machtige
904 Jezus is de Herder
905 Eenmaal zie ik de hemel in 't heerlijkste licht
906 Wil, Heer, mijn Leidsman wezen
907 Straks daalt Koning Jezus op de wolken neer
908 Een heel nieuw leven
909 De wereld is gegrondvest
910 Jezus, mijn Heer, zal nooit mij begeven
911 Zijn Naam is wonderbaar
912 Van U wil ik zingen
913 Zoekt u naar vreugd', echte vreugd'
914 Heft aan, heft aan een luide zang
915 U is de glorie, Christus onze Heer
916 Door de wereld gaat een woord
917 Gij kent het leven hier op aarde
918 Juicht, verre landen aan de kust
919 De God des heils wil mij ten Herder wezen
920 Straf mij in Uw gramschap niet
921 Wat vlied' of bezwijk', getrouw is mijn God
922 Heft op uw hoofden, poorten wijd!
923 Wie zijt Gij Heer, dat ik zou wand'len
924 Ach, blijf met Uw genade
925 Neem, Heer, mijn beide handen
926 God maakt ons samen één
927 Nog een korte tijd en wij zullen de Koning zien
928 Ga nu heen in vrede
929 'k Heb liever mijn Jezus
930 U wil ik eren en danken, o Vader
931 Hemelse Vader, wij brengen U de eer
932 Gij leidt ons, vader, aan Uw hand
933 O, ziel is uw hart vol van zorgen
934 'k Heb geloofd in U, Heer Jezus
935 O, liefde Gods, oneindig groot
936 Dank U, Heer
937 De Heer is God en niemand meer
938 Ere zij God!
939 Groot is de Heer
940 Zegen, Heer, ons tezaam
941 Kom, Herders, het uur is gekomen
942 Wees niet bevreesd
943 U riep ons, Heer, om op te staan
944 Hoe breng ik de dank
945 Heer God, U loven wij
946 Wandel maar stillekens achter Hem aan
947 Komt, laat ons nu gaan zingen
948 Nowell
949 Ied're nieuwe morgen heeft zijn eigen kwaad
950 Eenmaal zal 'k Uw handen zien
951 Zo lief had God de wereld
952 Kort is de tijd hier, mensen ontwaakt
953 Wees niet bezorgd, kind
954 Halleluja, lofgezongen
955 Wijd brak de hemel open
956 God met mij op alle wegen
957 Laat ons zingen en prijzen
958 Heer, onze Heer
959 Breng dank aan de Eeuwige
960 Roept uit aan alle stranden
961 Gezang 92
962 Al zou de vijgenboom niet bloeien
963 Je hoeft niet bang te zijn
964 Hier in Uw heiligdom
965 Heer, Uw licht en Uw liefde schijnen
966 U die mij geschapen hebt
967 U zal ik loven, Heer
968 Majesteit
969 Heer, wij zijn hier saâmgekomen
970 'k Stel mijn vertrouwen
971 Omdat Hij leeft
972 Ruwe stormen mogen woeden
973 Hosanna in de hoge
974 Juicht, want Jezus is Heer
975 Dank U, Vader
976 Heer, wilt U mijn Leidsman wezen
977 Here der heren
978 Heerlijk is Uw naam
979 De boodschap van Jezus
980 Er is een Verlosser
981 Wat zal de wereld mooi zijn op die dag
982 Ik hou van U
983 Heer, wat een voorrecht
984 Liefde, liefde
985 Mijn Jezus ik hou van U
986 Gij zijt waardig
987 In der schepping morgenstond
988 Zie ik de bergen
989 Als een hert dat verlangt naar water
990 Jezus is de goede Herder
991 Jezus sprak hier op aard'
992 Ik wil zingen van mijn Heer
993 Maak ons tot een stralend licht voor de volken
994 Aanschouw het Lam van God
995 Wees stil
996 Door Uw genade, Vader
997 U bent mijn schuilplaats, Heer
998 Prijst Hem, prijst Hem
999 Hij kwam bij ons, heel gewoon
1000 Zo lief had God de Vader ons
1001 Gebed voor mijn kind'ren
1002 'k Zing van mijn Heiland zo gaarne
1003 'k Ken een lied vol schone klanken
1004 Bij het helder stergeflonker
1005 Komt, gij vermoeiden
1006 Bij de pottenbakker
1007 De heilige stad
1008 Halleluja!
1009 De Here is mijn Herder
1010 Laat ons loven, laat ons juichen
1011 Maranatha